Lemmer en Chris Coene doen hetzelfde vak: lijfwacht, iemand in leven houden die door machtige mensen wordt bedreigd. Bavo Dhooge zet dat in Gent in plaats van het Lowveld, met een Vlaamse droogheid die goed past bij Meyers zwijgzame held.
Onzichtbaar draait om iemand die een vermiste naaste zoekt en daarvoor een beschermer in de arm neemt. Dick Francis maakt van zo'n beschermer de hoofdpersoon: Andrew Douglas helpt families bij ontvoeringen. Klassieker en minder hard, met dezelfde zakelijke spanning.
Emma le Roux zoekt een broer die twintig jaar dood leek; Annika Bengtzon zoekt haar zus na één laatste bericht. Liza Marklund maakt er, net als Meyer, een zoektocht van waarin familie en gevaar door elkaar lopen.
Net als in Onzichtbaar komen hier twee speurders in actie voor een verdwijning die meer mensen raakt dan je zou denken. Dennis Lehane schrijft Boston even rauw als Meyer zijn Zuid-Afrikaanse bush, met Kenzie en Gennaro als ongemakkelijk duo.
Emma ontdekt in Onzichtbaar dat haar familiegeschiedenis niet klopt; Noel Holcroft krijgt een brief van zijn vader die alles op zijn kop zet. Ludlum maakt er een internationale achtervolging van, groter en ouderwetser, met hetzelfde gevoel van een verleden dat terugbijt.
In Onzichtbaar duikt een broer op die al lang verloren leek. C.J. Tudor bouwt een heel boek rond een zusje dat verdween en terugkwam, in een Engels mijnstadje. Ongemakkelijker en meer horror dan Meyer, maar met dezelfde familievraag.
Ook hier is een verdwijning de start van een achtervolging met hoge inzet, met een professional die het vuile werk opknapt. Gabriel Allon is een spion, geen lijfwacht, maar wie in Onzichtbaar het tempo van Lemmer prettig vond, zit bij Daniel Silva goed.
Meyer laat in Onzichtbaar familiebanden en gevaar door elkaar lopen; Thomas Enger doet dat met een jachtongeluk dat geen ongeluk was. Journalist Henning Juul zoekt het uit in de Zweedse bossen, Scandinavischer en somberder dan Lemmer in het Lowveld.
Lemmer is een man met een verleden die liever alleen werkt; de huurmoordenaar in Q van Guido Eekhaut lijkt daarop, alleen staat hij aan de andere kant van de wet. Een Vlaamse roadthriller door Noord-Europa, kaal en snel zoals Meyer schrijft.
Wie in Onzichtbaar genoot van een zoektocht die van de natuur naar misdaad leidt, kan bij Grangé terecht. Een student volgt de trek van ooievaars en stuit op een veel groter verhaal. Franser en grilliger dan Meyer, met net zoveel vaart.
Emma le Roux geeft niet op tot ze weet wat er met haar broer is gebeurd; Frankie Elkin maakt van zo'n koppige zoektocht haar beroep. In het hete Tucson neemt ze een verse vermissing aan, net zo dorstig en onveilig als het Lowveld bij Meyer.
Emma le Roux huurt Lemmer in omdat niemand anders haar gelooft. Bij Paretsky is de ingehuurde kracht zelf de hoofdpersoon: een vrouwelijke detective uit Chicago die net zo dwars en onvermoeibaar is als Meyers lijfwacht.