Tonnie wenst zich een berg tomatensoep, de prins van Wilma Geldof heeft al alles: een glijbaan naar de eetzaal en een zwembad met limonade. Beide prentenboeken spelen grappig met de vraag of je van iets fijns ook te veel kunt krijgen.
Bij Mark Haddon loopt één wens uit de hand, bij Marc-Uwe Kling één onhandige actie van oma: tijdens Tiffany's eerste logeerpartij ligt het internet wereldwijd plat. Een even absurd idee, met dezelfde warme humor en net iets meer tekst.
Een geest die wensen vervult of een moeder die een fee is: in beide boeken zit er toverkracht in een gewoon gezin. Sophie Kinsella laat Ella's moeder met haar billen schudden en 'suikerspin' roepen om te toveren. Licht, vrolijk en goed voor te lezen, net als Tonnie tomatensoep.
Een prentenboek over een hoofdpersoon met één grote wens, net als Tonnie tomatensoep. Bij Edward van de Vendel droomt een zebra van een eenhoornkroon en laat ze zich niet wegsturen door een strenge jury. Grappig, lief en een tikje dwars.
Sas heeft een pluk haar die nooit goed zit en heeft hem Jan genoemd. Bies van Ede maakt, net als Haddon met Tonnies soepobsessie, van één klein, eigenaardig ding een heel verhaal, vrolijk en makkelijk om samen te lezen.
Tonnie tomatensoep laat zien hoe een kind helemaal opgaat in één ding; bij Ted van Lieshout is dat ding volume. Herrie heeft een grote mond en vindt fluisteren zinloos, en dat levert een warm, grappig prentenboek op over gehoord willen worden.
Net als bij Haddon draait alles om één absurde verwarring: bij Wilma Geldof klinkt elk dier in de wachtkamer anders dan je verwacht. Een prentenboek vol geluiden om mee te doen, met dezelfde vrolijke gekte als Tonnie en haar geest.
Fien geeft een feest voor haar vrienden, en Joke van Leeuwen maakt daar iets eigenwijs en grappigs van. Wie het fijn vond hoe Tonnie tomatensoep met één gek idee een heel prentenboek vult, zit bij Fien goed.
Eten speelt de hoofdrol: Tonnie lust alleen tomatensoep, Boer Boris laadt maïs, kaas, brood, pudding en groenten op voor de markt. Ted van Lieshout houdt het eenvoudig en vrolijk, met dezelfde knusse toon als het prentenboek van Haddon.
Annie M.G. Schmidt schreef een klassiek voorleesgedicht over een kind dat de regels even laat voor wat ze zijn. Wie bij Tonnie tomatensoep moest lachen om een eigenwijze kleine hoofdpersoon, vindt hier dezelfde ondeugd, in rijm.
Een luis als held: Bavo Dhooge maakt van iets kleins en een beetje vies een vrolijk prentenboek. Net als Mark Haddon met Tonnie neemt hij één onwaarschijnlijk idee helemaal serieus, en daar zit de grap.
Tongetje is een hondje met een tong die eigenlijk te lang is voor zijn bek. Charlotte Mutsaers stuurt hem de Bijenkorf in en bouwt, net als Haddon met Tonnies liefde voor soep, een heel verhaal op één vreemde eigenschap.