Na de zoektocht van meneer Luis past dit grappige verhaal van Edward van de Vendel over een zebra die zich niet laat wegsturen. Kort, vrolijk en goed voor lezers die net op weg zijn.
Ook hier zoekt iemand een plek om te wonen, al is het een rover die net vrij is. Gudrun Pausewang schrijft net zo vrolijk als Dhooge, met een rare held die je meteen aardig vindt.
Meneer Luis is een luis met een koffer, dokter Brombeer een dokter met een wachtkamer vol vreemde patiënten. Wilma Geldof maakt er net zo'n dwaas en vrolijk verhaal van, goed om voor te lezen of zelf te lezen.
Meneer Luis woont in een bos van haar; in Raar haar heeft een meisje een lok met een eigen wil. Bies van Ede schrijft net zo speels over haar, met een grappige heldin.
Bij Dhooge raakt een luis zijn huis kwijt, bij Marc-Uwe Kling raakt de hele wereld het internet kwijt door één oma. Net zo absurd en grappig, voor kinderen die van gekke ideeën houden.
Na de sprongen van meneer Luis past dit vrolijke boek van Sophie Kinsella over een moeder die stiekem fee is en haar toverkunsten niet altijd in de hand heeft. Grappig, knus en makkelijk te lezen.
Meneer Luis doet het anders dan andere luizen, en Sam wil ook niet zijn zoals iedereen. Youp van 't Hek schrijft een kort, grappig verhaal over gewoon jezelf zijn.
Wie lachte om een luis die op reis gaat, vindt bij Annie M.G. Schmidt een avontuur met een feesttrein die anders rijdt dan gepland. Klassieke humor, knus en goed voor jonge lezers.
Meneer Luis maakt gekke sprongen, opa John gekke plannen met een varken. Erna Sassen schrijft net zo droog-grappig, voor kinderen die van rare volwassenen houden.