Dhooge kijkt hoe film schrijvers neerzet, Reve vertelt in vier lezingen hoe het schrijverschap er volgens hem echt uitziet. Twee boeken over de schrijver als personage, allebei met veel ironie.
Wie wil weten wat schrijvers wel doen als de camera uit staat, leest Hilary Mantel over haar eigen vak. Ernstiger dan Dhooge, maar net zo scherp over de mythe van het schrijverschap.
Na Dhooges ironische typologie van filmschrijvers past David Sedaris, een schrijver die zichzelf met dezelfde spot bekijkt. Korte stukken waarin hij zijn eigen leven als schrijver en reiziger op de hak neemt.
Dhooge schrijft over film met de blik van een romanschrijver; Hilary Mantel bundelt recensies en essays over boeken, mensen en haar eigen leven. Geestig, eigenwijs en vol scherpe observaties.
Dhooge zocht de echte schrijver op het witte doek en vond vooral clichés; Özcan Akyol mist in zijn Boekenweekessay de dwarse schrijver in het publieke debat. Kort, polemisch en met humor.
Dhooge leert je anders naar films over schrijvers kijken, Ellen Deckwitz leert je anders naar gedichten kijken. Luchtig, persoonlijk en vol voorbeelden die meteen helpen.
Dhooge bespreekt films met de ogen van een schrijver, Nico Dijkshoorn bekijkt schilderijen en beelden met diezelfde eigenzinnige blik. Korte, grappige teksten voor wie kunst graag wat minder plechtig benadert.
Twintig types filmschrijvers bij Dhooge, een sterrenwaardering per onderwerp bij John Green: allebei houden ze van een rangorde die eigenlijk een excuus is voor persoonlijke verhalen. Licht, slim en vol weetjes.