David Miller duikt in Schaduw van de beul in het leven van een moordenaar om er een boek over te schrijven, en bij Grangé doet een journalist precies hetzelfde. Beide schrijvers raken verstrikt in hun onderwerp, en beide boeken zijn even duister en Frans.
Tatoeages als boodschap van een moordenaar: wat Beul 125 in Schaduw van de beul bij de kinderen van zijn slachtoffers achterliet, gebruikt de dader bij Deaver als wapen. Lincoln Rhyme werkt forensischer dan David Miller, met dezelfde fascinatie voor tekens.
Peter Straub verweeft net als Thilliez een boek, een schrijver en een reeks moorden tot één duister raadsel. Wie in Schaduw van de beul genoot van de geheime dossiers, vindt hier een literaire variant met een geheimzinnige roman als spil.
Thomas Enger schrijft net als Thilliez over een misdaad die sporen nalaat bij een kind, hier een jong meisje dat als getuige achterblijft. Noors en strak, met dezelfde vraag als in Schaduw van de beul: wat erft een kind van het geweld om zich heen?
Jet van Vuuren zet een seriemoordenaar aan de Nederlandse kust, waar Thilliez de schaduw van een oude beul over Frankrijk laat vallen. Vlotter en dichter bij huis dan Schaduw van de beul, met dezelfde jacht op een patroon.
Het begin van de Kay Scarpetta-reeks, waarin forensisch werk een seriemoordenaar moet ontmaskeren. Na de dossiers en de oude moorden uit Schaduw van de beul krijg je hier het lab en de lijkschouwing als speurmiddel.
Iris Johansen laat haar seriemoordenaar een persoonlijk teken achterlaten, en dat spel met signaturen ken je uit Schaduw van de beul. Amerikaanser en sneller, maar met dezelfde fascinatie voor de geest van een dader.
Bij Patterson wordt een schrijver door de moordenaar zelf gevraagd zijn verhaal op te tekenen, net zo verontrustend als de opdracht van David Miller in Schaduw van de beul. Korte hoofdstukken en een tropisch eiland in plaats van Franse dossiers.
Charlotte Link kruipt in het hoofd van iemand die anderen van een afstand bekijkt, zoals David Miller zich in Schaduw van de beul inleeft in een beul van lang geleden. Rustiger en Duitser, met een benauwend gevoel van bespied worden.
Chris Carter schrijft net zo rauw als Thilliez en laat een dader een cijfer als handtekening gebruiken, een echo van de tatoeages van Beul 125 in Schaduw van de beul. Robert Hunter wil, net als David, vooral begrijpen hoe zo'n geest werkt.
Koontz laat een studente de achtervolging inzetten op een moordenaar, en die nabijheid van het kwaad voel je ook in Schaduw van de beul, waar David steeds dichter bij een duister geheim komt. Sneller en Amerikaanser, even meedogenloos.
Lisa Gardner laat de schaduw van een oude seriemoordenaar over nieuwe moorden vallen, en dat is precies de sfeer van Schaduw van de beul. D.D. Warren is een rechercheur, David Miller een schrijver, maar allebei moeten ze het verleden ontcijferen.