Jim Kelso is een rechercheur bij wie het ongeluk aan zijn hielen kleeft; Grangé geeft je ook een Franse politieman die in het bovennatuurlijke belandt als hij een vriend wil redden. Langer en duisterder, maar de mix van speurwerk en het occulte is dezelfde.
De politie van Herbert wil niet met Kelso op pad, uit angst voor zijn pech. Joe Hill geeft je een hoofdpersoon die zijn vloek zelf in huis haalde en er vervolgens met zijn vriendin voor op de vlucht slaat. Een roadtrip vol spanning en zwarte humor, net zo vlot.
Nog een Herbert over een man rond wie de doden zich opstapelen: copiloot Keller overleeft als enige een vliegtuigcrash en ziet daarna in het stadje vreemde sterfgevallen. Net als Kelso wil hij weten waarom juist hij.
Collega's mijden Kelso alsof hij besmet is; Edward Prendick wordt op het eiland van Moreau zelf de vreemde eend tussen wezens die hem argwanend bekijken. Een korte klassieker die net als Herbert speelt met het gevoel er niet bij te horen, en met wat daaronder schuilgaat.
Kelso werkt als gewone politieman tot het bovennatuurlijke zijn werk binnensluipt; Algiers Jeery doet onderzoek voor een misdaadbaas in een stad waar dat al lang gewoon is. D.B. Shan schrijft rauw en snel, met dezelfde mix van recherche en horror.
Jim Kelso draagt iets met zich mee dat iedereen om hem heen schaadt; bij Tudor draagt Joe Thorne een jeugdgeheim mee naar een dorp dat het niet vergeten is. Langzamer, met een docent in plaats van een agent, maar net zo grimmig.
Kelso weet niet waarom er om hem heen steeds iets misgaat, en Martie Rhodes weet niet waarom ze ineens bang is voor haar eigen handen. Koontz maakt er een psychologische thriller van met een bovennatuurlijk randje, net zo vlot als Herbert.
Een hoofdpersoon die niet begrijpt wat er met haar aan de hand is: Winter Musgrave mist grote stukken geheugen en wordt achtervolgd door iets onverklaarbaars. Bradley schrijft trager en romantischer dan Herbert, maar ook hier ligt de oorzaak in het verleden.
Dreiging uit het schimmenrijk is in de kern het verhaal van één man met een vloek. Straub verdeelt dat soort lot over zeven verhalen, van een opgroeiende moordenaar tot een rouwend spook. Literair en duister, voor wie Herberts psychologie het boeiendst vond.
Kelso draagt een onheil mee dat hij zelf niet kan verklaren; bij Simmons draagt een geadopteerd kind iets in zijn bloed dat naar oude Roemeense legendes leidt. Breder en meer onderzoek, met hetzelfde duistere erfgoed.
Waar Kelso ongeluk aantrekt, trekt het welvarende Hampstead bij Straub een hele reeks rampen aan. Een stadsroman vol horror waarin verschillende bewoners merken dat het kwaad een geschiedenis heeft. Trager en dikker dan Herbert, net zo duister.
Kelso moet uitzoeken waarom het onheil hem volgt; bij Simmons moet het personeel van een luxe resort op Hawaï verklaren waarom er steeds vreemde dingen gebeuren. Meer humor en meer mythologie, met dezelfde speurtocht naar een bovennatuurlijke oorzaak.