Opnieuw hangt Van der Heijden een roman op aan één concrete datum: 25 april 1999, de dag dat Feyenoord kampioen wordt in Rotterdam. De feestende stad is hier het decor, zoals de kroning en de krakersrellen dat waren in De slag om de Blauwbrug.
Hield je van de korte, nijdige vaart van de Blauwbrug-proloog? Verhulst doet iets vergelijkbaars op wereldschaal: hij vat de hele menselijke geschiedenis samen in minder dan tweehonderd pagina's, zonder ook maar één persoon of datum te noemen.
Drie korte romans van Hermans uit 1957 in één band: Conserve, De leproos van Molokai en Hermans is hier geweest. Hou je van de compacte, felle vorm van Van der Heijdens proloog, dan krijg je hier snelle, donkere vertellingen die in weinig bladzijden veel losmaken.
Luitenant Theodor Lohse komt teleurgesteld terug uit de Eerste Wereldoorlog en zoekt in Berlijn naar aanzien. Roth tekent een stad in politieke onrust vanuit de ogen van één man aan de rand, met een donkere ondertoon die past bij Albert Egberts op de kroningsdag.
Mulisch stuurt een schrijver met zijn vriendin naar Wenen, waar het verleden van zijn vader en van Hitler dichterbij komt dan hem lief is. Net als Van der Heijden vlecht hij een persoonlijk verhaal door een zwaar beladen stuk geschiedenis, kort en donker.
Na een uitbundige bruiloft in een Caribisch dorp wordt de bruid nog dezelfde nacht teruggebracht naar haar ouderlijk huis. García Márquez schrijft net zo kort en gebald als Van der Heijden, en belicht één gebeurtenis in een dorp vanuit steeds een andere kant.
De kroningsrellen zijn het lawaai rond Albert Egberts; bij Hermans vindt een Nederlandse partizaan midden in de oorlog een verlaten villa waar alles nog stil en weelderig is. Dat contrast tussen een rustig binnenhuis en chaos buiten maakt deze korte vertelling verwant.
Claus zet een groep omroepmensen op een zonnig mediterraan eiland, waar ze een passiespel moeten vastleggen. De wrijving binnen de groep groeit gestaag, en die broeierige, duistere sfeer doet denken aan de Amsterdamse straten van april 1980.
Albert Egberts beweegt zich als buitenstaander door een historische dag; bij Bernlef is dat een doofstomme jongen die wordt aangetroffen in de kast van een overleden filmster uit de stomme-filmtijd. Een literaire, donkere roman over Amerika rond 1900.
Een enorme diamant gaat eeuwenlang van eigenaar naar eigenaar, van het oude India via Rome en China tot het Amsterdam van nu. Een vroege, vlot vertelde Mulisch die net als De slag om de Blauwbrug geschiedenis en tempo combineert, zij het lichter van toon.
Gedeeld: literair, snel tempo en historische setting
Nikolaus Tarabas, zoon van een Russische grootgrondbezitter, vlucht na een aanslag naar New York. Bij Roth staat de geschiedenis niet op de achtergrond maar dringt ze het leven van de hoofdpersoon binnen, precies zoals de kroningsdag dat bij Albert Egberts doet.
Frank Money komt gewond en vol woede terug uit Korea, in een Amerika dat zwarte veteranen nog altijd als tweederangs behandelt. Morrison schrijft kort en scherp over een man die zijn plek kwijt is, tegen een historische achtergrond die net zo zwaar weegt als 30 april 1980.