Enríquez is een hedendaagse erfgenaam van de Boeken van bloed: korte verhalen waarin horror en de sociale werkelijkheid van Argentinië door elkaar lopen. Minder grotesk dan Barker, wel even onverbiddelijk.
Kun je de rauwe, groteske kant van Barker hebben, lees dan De wespenfabriek: een Schotse tiener met offerpalen en eigen rituelen vertelt kalm dat hij als kind drie mensen doodde. Literairer, maar even schokkend.
Straub verzamelt zeven verhalen die net als de Boeken van bloed alle kanten op gaan, van een jongen die uitgroeit tot moordenaar tot de klaagzang van een spook. Literairer en subtieler dan Barker, met dezelfde duistere fantasie.
Barkers lichamen die vervormen en versmelten hebben een voorloper bij Wells: na een schipbreuk belandt Edward Prendick op een eiland waar een wetenschapper gruwelijke experimenten doet. Een klassieker die laat zien waar lichamelijke horror begon.
James Herbert deelt met Barker de rauwe Britse horror van die jaren: een duistere kracht trekt door Londen en kruipt in de hoofden van gewone mensen. Eén roman in plaats van korte verhalen, net zo genadeloos.
Een helderziende die voor een mijnconcern bodemschatten opspoort, en een beveiliger die hem dag en nacht moet bewaken: Herbert bouwt er een bovennatuurlijke thriller omheen. Minder grotesk dan de Boeken van bloed, met meer vaart.
De vroege griezelverhalen van Bradbury, uit zijn eerste bundel Dark Carnival, zijn de oudere en poëtischere neven van de Boeken van bloed. Kort, donker en vindingrijk, met minder bloed en meer sfeer.
Van Laerhoven schrijft net als Barker korte verhalen over de wreedheid die mensen elkaar aandoen, maar dan zonder bovennatuur en verspreid over landen en tijden, van Syrië tot Algerije. Realistischer, net zo hard.
Na de korte stoten van Barker is Misery één lange, verstikkende rit: een bestsellerauteur raakt zwaargewond na een ongeluk in de sneeuw en is overgeleverd aan zijn redster. King laat zien hoe gruwelijk het wordt zonder enig monster.
De Boeken van bloed geven je korte schokken; wil je daarna één lang, spannend verhaal, dan is Tudor een goede keus. Een dominee en haar dochter belanden in een dorp dat zijn duistere verleden niet loslaat.
Auke Hulst laat Vos Jacobsz de slagvelden van napoleontisch Europa afstruinen naar gesneuvelde jongens met gave tanden. Even macaber als de Boeken van bloed, maar als historische roman en oorspronkelijk Nederlands.
Vond je de korte vorm het sterkste aan de Boeken van bloed, probeer dan deze bundel van Enríquez: elk verhaal een kleine nachtmerrie, geworteld in het Argentijnse dagelijks leven en vol terugkerende doden.