Tracy hoort er op haar nieuwe school niet bij, en Zack van Patrick Ness maakt zich ook nergens geliefd: hij moet klasgenoten zonder pasje op de gang bekeuren. Snel, absurd grappig en met een held die zichzelf flink in de nesten werkt.
Tracy klaagt dat haar pleegmoeder op elke cent let. Bij Anthony Horowitz is het andersom: een rijkeluiszoon die nooit iets tekortkomt, tot zijn leven ineens kantelt. Vlot, spannend en grappig.
Spijbelen naar een geheime plek omdat je je ellendig voelt: dat doet Tracy, en ook Marc de Bels Alexander zit ongelukkig op een vakantiekolonie. Een gek, Vlaams vervolg waarin net als bij Wilson het verdriet onder de grappen zit.
Cam doet volgens Tracy alles verkeerd, en die openhartige kritiek op volwassenen vind je ook bij Mirjam Mous. Haar Niels zou zijn vader en moeder het liefst laten keuren, en dat is net zo grappig als Tracy's commentaar.
Een eigen club met eigen regels: Tracy heeft haar Durfspel, de kinderen bij Erna Sassen hebben een heksenclub. Daar slaat het nieuws over een verhuizing naar Frankrijk flink in. Grappig, met een vleugje toverij.
Op school botst Tracy met iedereen, en Indy met zijn ADHD weet hoe dat voelt. Mirjam Mous laat een stuiterende hoofdpersoon in eigen woorden vertellen, net zo vlot en vaak net zo grappig als Wilson.
Wie vooral om het Durfspel en de geheime schuilplek lachte, wil misschien meer avontuur. Cornelia Funke stuurt Tom de kelder in, waar een slijmerig groen spook op hem wacht: vaart, griezelen en gein.
Een pleeggezin is voor Tracy wennen, en voor de vondeling die de naam Tommie Station krijgt ook. Mensje van Keulen maakt van een kind dat ergens wordt opgevangen een dol en hartelijk verhaal.
Meer Jacqueline Wilson, nu met Gemma, een voetballende kletskous die net zo hard van stapel loopt als Tracy. Haar vriendschap met stille Alice wordt op de proef gesteld door iets wat Alice niet vertelt.
Regels zijn er om omheen te werken, vindt Tracy. Rover Graai gaat nog verder en neemt gewoon mee wat hij wil hebben. Gudrun Pausewang schrijft voor jongere lezers, met een boef om wie je moet grinniken.