Herinneringen van een engelbewaarder begint op de dag van de Duitse inval; De tranen der acacia's speelt in de bezettingsjaren die volgen. Allebei grote Hermans-romans over schuld en twijfel, de tweede rauwer en cynischer, met een jongere held.
Alberegt ziet in mei 1940 zijn vriendin vertrekken en blijft achter met zijn geweten. 't Hart kiest dezelfde dagen, met een Maassluise apotheker die Joodse vrienden over zee wil laten ontkomen; warmer van toon, maar met even veel spanning.
In Herinneringen van een engelbewaarder fluisteren een engel en de duivel om beurten in het hoofd van een man die niet meer weet wat waar is. Ook de leraar van Claus raakt verstrikt in zijn eigen gedachten; een duizelingwekkende, gelaagde roman.
Hermans laat zien wat de oorlog doet met een man die achterblijft als zijn Joodse geliefde vlucht. Minco kijkt decennia later terug via een oude vrouw, met dezelfde aandacht voor wat niet wordt uitgesproken; korter en ingetogener.
Waar Hermans de eerste oorlogsdagen in Nederland volgt, kiest Lanoye het Antwerpse theater rond diezelfde oorlog, met een directeur die steeds lastigere keuzes moet maken. Twee romans over moraal onder druk, Lanoye theatraler en breder.
Ook bij De Beauvoir draait het om de vraag hoeveel schuld je draagt voor wat anderen overkomt. Haar hoofdpersoon kiest tegen zijn rijke afkomst, zoals Alberegt tegen zijn eigen twijfels vecht; een ernstige, filosofische oorlogsroman.
Een tweede Claus, nu over een Vlaamse boerenfamilie in de oorlogsjaren, beheerst door een oud geheim. Net als bij Hermans hangt er een benauwende schuld boven de personages, en de vertelling wisselt tussen verschillende stemmen.
Hermans toont een Nederlander die bij de inval met zijn geweten worstelt; Fallada toont een Berlijns echtpaar dat na een verlies in stilte in verzet komt. Groter en spannender, met dezelfde vraag wat een gewoon mens tegen de terreur kan doen.
De duivel die Alberegt raad influistert, keert bij Mann terug in het leven van een componist die alles opoffert voor zijn kunst. Een dikke, veeleisende roman die net als Hermans de Duitse catastrofe en de verleiding van het kwaad met elkaar verbindt.
Alberegt zit gevangen in de meidagen van 1940; de regisseur van Van Dullemen wordt tijdens repetities van een Shakespearestuk teruggeworpen op zijn eigen oorlogsjeugd. Een gelaagde, psychologische roman over herinneringen die zich niet laten wegstoppen.
Ook Mulisch laat zijn hoofdpersoon heen en weer schieten tussen heden en verleden, met mythische uitweidingen en wisselende vertelvormen, zoals Hermans een engel en de duivel laat meepraten. Een felle, beeldende roman over schuld aan de oorlog.
Alberegt rijdt een meisje aan en sleept dat de rest van het boek met zich mee; de zwijgzame Michael K van Coetzee trekt met zijn moeder door een land in oorlog. Allebei verhalen over een man alleen tegenover chaos, Coetzee soberder en stiller.