Nog een Heinlein met een eigenwijze ik-verteller die zichzelf in de nesten werkt: ingenieur Dan Davis wordt door zakenpartner en verloofde opzijgezet en laat zich invriezen. Even vlot en geestig als Dubbelster, met een sprong in de tijd in plaats van politiek.
Lorenzo raakt verstrikt in de politiek rond Mars; Asimov stuurt de jonge wiskundige Hari Seldon naar Trantor, de hoofdstad van het Galactisch Imperium. Ook daar wil iedereen iets van de nieuwkomer, en de machtsspelletjes houden het tempo hoog.
Een acteur die politiek moet bedrijven, en hier een wereld waar reclamebureaus de dienst uitmaken: Pohl en Kornbluth spotten net als Heinlein met imago en macht. Snel en satirisch, met een flinke steek naar de reclamewereld.
Heinlein prikt met een acteur als staatsman door politiek toneel heen; Marc-Uwe Kling prikt door de techwereld heen. Zijn satire op een land vol algoritmes is moderner en bijtender, en leest net zo vlot als Dubbelster.
Harry Harrisons oplichter Slippery Jim diGriz kruipt net zo makkelijk in andermans huid als Lorenzo Smythe. Twee avonturen in één band, nog sneller en baldadiger, met een held die van bedrog een vak heeft gemaakt.
Dubbelster draait om de vraag of je een ander overtuigend kunt naspelen, en in Asimovs verhalen over Susan Calvin gedragen machines zich telkens menselijker dan verwacht. Luchtig en slim, met een puzzel per verhaal.
Lorenzo moet een rol volhouden waar veel van afhangt, en Wade Watts leidt een tweede leven in de OASIS, een virtuele wereld waar iedereen een andere identiteit aanneemt. Moderner en vol popcultuur, in hetzelfde vlotte tempo.
Ook bij Van Vogt wordt een gewone man naar een verre toekomst gehaald, waar hij een rol moet spelen die hij niet koos. Twee romans in één band, avontuurlijker en wilder van ideeën dan Dubbelster.
Lorenzo verdwijnt achter de identiteit van een ander, en de vreemdeling van H.G. Wells verschuilt zich achter verband en een donkere bril in een dorpsherberg. Een korte klassieker, grimmiger dan Heinleins komedie maar net zo vlot.
Dubbelster begint als een grap en wordt ernstiger naarmate Smythe meer verantwoordelijkheid voelt. Die omslag maakt ook Bradbury's held door, al is zijn toekomst veel grimmiger: een samenleving die boeken verbiedt. Even kort en compact.
Smythes opgeblazen ego en zijn toneelpraat zijn pure komedie, en wie daarvan genoot, zit goed bij Wodehouse. Geen ruimteschepen of Marsbewoners, wel een Engelse heer die keer op keer door zijn slimme bediende gered moet worden.