De sterkste wint begint aan een sterfbed in Babylon, waar Alexander weigert een opvolger te noemen. Manfredi vertelt het leven dat daaraan voorafging, vanaf de kinderjaren van de prins. Lees het als voorgeschiedenis: toegankelijker, met meer heldenverering.
Gedeeld: historische setting, hofintriges en oorlog
Wisselende bondgenootschappen en iedereen met een eigen agenda: Fabbri's diadochen hadden een voorganger in Alkibiades, die in Pfeijffers roman zelf zijn overstappen tussen Athene en haar vijanden verdedigt. Geestiger, en net zo amoreel.
Gedeeld: historische setting, moreel grijze hoofdpersoon en oorlog
Zodra Alexander dood is, haalt iedereen bij Fabbri zijn messen tevoorschijn. McCullough laat zien dat het in de Griekse sagen niet anders ging: koningen die samen een oorlog voeren en ondertussen elkaar beconcurreren. Verteld door een koor van ooggetuigen.
Gedeeld: historische setting, hofintriges en oorlog
Het rijk van Alexander reikt tot aan de randen van de bekende wereld, en het nieuws van zijn dood reist langzaam mee. Gemmell speelt eeuwen eerder rond dezelfde zeeën, waar een havenprins zich staande houdt tegen een gulzige grootmacht. Avontuurlijk en snel.
Babylon in 323 is een hof vol lijfwachten, generaals en verwanten die op hun kans wachten. Wilbur Smith toont Egypte als zo'n hof, met een verteller die als slaaf en raadgever alles van dichtbij ziet. Lichter en avontuurlijker dan Fabbri.
Fabbri laat de machtsstrijd zien vanuit veel hoofden tegelijk. Cornwell volgt er maar één, een jongen die ziet hoe zijn land door Deense legers wordt opgedeeld tussen krijgsheren. Even meedogenloos, maar dichter op één persoon.
Een dode heerser zonder duidelijke erfgenaam is het begin van De sterkste wint. Bij Cornwell is de erfgenaam er wel, maar is hij nog een baby, en dat maakt het niet minder bloederig. Iets meer legende en minder geschiedschrijving dan Fabbri.
Waar Fabbri de generaals volgt die het rijk verdelen, laat Howard Fast de Romeinse elite napraten over een slavenleger dat het tegen hen opnam. Een andere kant van de antieke macht, ook verteld door verschillende stemmen, en ernstiger van toon.
Gedeeld: historische setting en meerdere vertellers
De veteranen van Alexander worden na 323 door elke kandidaat-koning ingezet als pionnen. Kane maakt van zulke pionnen zijn hoofdpersonen: kinderen van een slavin die in de arena en het leger moeten overleven. Rauwer en dichter op de huid dan Fabbri.
Perdikkas, Ptolemaios en de anderen vochten ooit zij aan zij onder Alexander, tot het rijk te verdelen viel. Iggulden kijkt naar de jeugd van een latere wereldveroveraar, Julius Caesar, en de vriend met wie hij opgroeit. Vlotter en minder cynisch.
Fabbri kijkt vooral naar de top, waar generaals hun legers als schaakstukken verschuiven. Scarrow kijkt vanuit een rekruut die nog nooit een zwaard vasthield. Hetzelfde tempo en dezelfde bloederige gevechten, maar met meer humor van onderop.
Fabbri opent in Babylon, het hart van het veroverde Perzische rijk. Bij Sidebottom zijn de Perzen terug als grootmacht en is het Rome dat zijn oostgrens moet verdedigen. Ook hier legerleiders die net zo veel met elkaar als met de vijand vechten.