Ramsey zit met een kleine bemanning ingesloten in een sleepboot diep onder water; Lems ruimtekruiser staat op een dorre planeet waar het contact met een eerder schip plots wegviel. In beide boeken groeit de onrust in een groep die geen kant op kan. Lem is wetenschappelijker, Herbert psychologischer.
Ook in De Santaroga barrière stuurt Herbert een psycholoog op pad, ditmaal naar een Californisch dal dat buitenstaanders buiten houdt. Minder claustrofobisch dan de onderzeeër, wel net zo verraderlijk: hier is het juist de vriendelijkheid die verdacht is.
Een kleine bemanning in een afgesloten schip, ver van huis, met een missie waarvan niet iedereen alles weet: dat geldt voor de Fenian Ram en voor de Discovery van Clarke. Kalmer en kosmischer dan Herbert, maar de stilte aan boord is net zo onheilspellend.
Gedeeld: beklemmend, langzaam opbouwend en spanning
De Fenian Ram is een benauwde ruimte vol wantrouwen, en Moorcocks vluchtschip net zo goed. Ryan probeert zijn naasten naar een verre planeet te brengen, en het boek speelt zich vooral in zijn hoofd af. Kort en beklemmend, met net als bij Herbert de geestelijke druk als motor.
John Ramsey is psycholoog en kijkt naar wat angst met een bemanning doet; Gateway wordt verteld door een man in therapie die terugblikt op zijn tochten in buitenaardse schepen. Pohl en Herbert delen de belangstelling voor wat er in een hoofd gebeurt onder levensgevaar.
Een groep deelnemers aan een tv-programma komt vast te zitten in een gebouw terwijl buiten iets mis lijkt te gaan: Bervoets bouwt dezelfde benauwde situatie als Herbert in zijn onderzeeër. Een Nederlandse, literaire roman over wat opsluiting met een groep doet, korter en ironischer.
De draak in de zee speelt in een oorlog om olie; Aardlicht draait om een conflict over schaarse metalen tussen de aarde en haar kolonies, met een geheim agent op een maanobservatorium. Clarke vertelt het rustiger, maar met dezelfde grondstoffenoorlog op de achtergrond.
Herbert laat zien hoe opsluiting de geest aantast. Bij Matheson krimpt Scott Carey gestaag, en zijn eigen huis verandert langzaam in een vijandig landschap. Een beklemmend, psychologisch verhaal met dezelfde vraag hoe lang je verstand standhoudt.
Een toekomstige oorlog met de achterdocht van een spionageverhaal: Heinlein laat een soldaat in een Amerika onder een religieuze dictatuur kennismaken met het verzet. Sneller en rechtlijniger dan Herbert, maar ook hier is iedereen verdacht.
Ramsey zoekt op de Fenian Ram naar een saboteur en vertrouwt al snel niemand van de vier man aan boord. Bradbury's Montag ontdekt dat hij ook in zijn eigen huis en ploeg op zijn hoede moet zijn. Korter en poëtischer, maar dezelfde groeiende argwaan in een kleine kring.
Herbert onderzoekt wat extreme omstandigheden met een geest doen; Pohl volgt Roger Torraway, die stukje bij beetje wordt veranderd zodat hij op Mars kan leven. Even klinisch en psychologisch, met een militaire dreiging op de achtergrond.
Een beklemmend systeem met een eigen logica, maar dan van Nederlandse bodem: bij Peter Schaap waakt een machine over een aarde die geen oorlog meer mag kennen, en wie anders is, valt uit de toon. Kleiner opgezet dan Herbert, met dezelfde sfeer van totale controle.