Een familie op een heuvel in een Vlaamse villawijk, met geheimen achter de gevel: De Coster deelt met Toerist het gezin dat naar buiten toe heel blijft. Literairder en breder, net zo wrang.
Als zijn moeder sterft, denkt Andreas Klein terug aan een snikhete zomerdag in 1960. Net als Toerist gaat De bekoring over een zoon en een gezin waarin iets verborgen bleef, bij Munstermann ingetogener en nostalgischer.
Jennie was vijf toen haar vader stierf, en wat er toen echt gebeurde blijft haar bezighouden. Gerritsen deelt met Akyol een familiegeheim rond een vader, met een droge, schurende toon.
Toerist laat de jongste zoon het geheim van zijn vader doorzien; Koudvuur laat een volwassen dochter terugkijken op haar jeugd als tiende kind. Uphoff schrijft zwaarder en literairder, Akyol bitter en grappig.
Jorgen Hofmeester is zijn vrouw, zijn baan en zijn spaargeld kwijt en klampt zich vast aan zijn jongste dochter. Grunberg schrijft net als Akyol over een vader in een gezin dat scheurt, beklemmend en soms bitter grappig.
In Toerist wordt een geheim een wapen in handen van de jongste zoon. Bij Tessa de Loo werkt een oud verzwegen verhaal door in de verhouding tussen twee volwassen zussen, rustiger verteld en met meer psychologie.
De jongen in Toerist wil zijn ouders uit elkaar krijgen, Marly bij Mizee wordt uit evenwicht gebracht door succes en verliefdheid. Twee romans over familiebanden met een wrange, komische toon.
Toerist pelt een gezin af tot de leugen zichtbaar wordt. Siebelink doet iets vergelijkbaars met een Haagse vrouw wier leven er van buiten perfect uitziet, ernstiger en met meer aandacht voor het huwelijk dan voor de kinderen.
Een verloren manuscript van een excentrieke grootvader brengt bij Lubach een familiegeschiedenis boven. Net als in Toerist ontdekt een jongere iets over de familie, maar Lubach is luchtiger en avontuurlijker.
De jongste zoon in Toerist staat er alleen voor, het meisje bij Japin krijgt hulp van een zangeres die naar de rechter stapt. Twee boeken over een kind dat klem zit tussen volwassenen, Japin met meer ontroering.
Rabbijn Sol Mayer leidt een grote synagoge in New York en is getrouwd met een schatrijke erfgename, maar niet alles klopt in zijn leven. De Winter deelt met Akyol een man met geheimen, met komische en bittere kanten.
Het huwelijk in Toerist hangt aan een zijden draad, en ook bij Verhulst draait alles om een scheiding: Eric probeert zijn verleden weg te spelen op de piano. Vlaams, melancholiek en droog grappig.