Net als Elric is prins Jorg een hoofdpersoon met wie je je niet makkelijk vereenzelvigt, maar die je toch blijft volgen. Waar de bleke keizer twijfelt aan de wreedheid om hem heen, heeft Jorg die al jong omarmd: rauwer en sneller verteld.
Wie de zieke, twijfelende Elric boeiend vindt, kan ook terecht bij Thomas Covenant, een held met lepra die in een andere wereld belandt en weigert die te geloven. Dikker en trager dan Moorcock, maar even somber over wat macht met iemand doet.
Gedeeld: duister, epische wereld en moreel grijze hoofdpersoon
Moorcock en Cherryh schrijven allebei korte, duistere fantasy waarin magie een prijs heeft en de hoofdpersoon geen stralende held is. Vanye draagt net als Elric een schuld met zich mee, maar hier volg je hem als dienaar van een raadselachtige vrouw.
Gedeeld: duister, epische wereld en moreel grijze hoofdpersoon
Elric en Skilgannon zijn allebei krijgers die walgen van hun eigen reputatie. Gemmell vertelt rechttoe rechtaan en met meer actie, maar het gewetensconflict dat Storm over Melniboné zo somber maakt, zit ook hier in elk gevecht.
Gedeeld: duister, epische wereld en moreel grijze hoofdpersoon
Een tweede kennismaking met de Eeuwige Kampioen van Moorcock, nu in de gedaante van Dorian Hawkmoon. Waar Elric worstelt met zijn eigen hof, vecht Hawkmoon tegen een vijandig keizerrijk; de toon is avontuurlijker, de wereld net zo vreemd.
Na het vervallen hof van Melniboné is de Stad van D.B. Shan een even meedogenloos decor, maar dan modern en vol criminelen. Ook hier staat een man aan de macht die je moeilijk kunt peilen, en grijze keuzes zijn de enige keuzes.
Elric twijfelt aan de wreedheid van zijn volk; Mia Corvere maakt er juist haar vak van. Kristoff schrijft brutaler en met meer zwarte humor dan Moorcock, maar de duistere sfeer en de vraag wat een hoofdpersoon mag doen, delen ze.
Ook Tais Teng bouwt een wereld die uit oude mythes lijkt te komen, met een dode godheid aan de nachthemel. Wie bij Moorcock vooral geniet van de bizarre, decadente sfeer van Melniboné, vindt hier eenzelfde vreemdheid in een vlotter avontuur.
In Storm over Melniboné horen draken bij een rijk dat zijn beste tijd heeft gehad. Bij Anthony Ryan draait een hele economie om hun bloed. Minder somber en met meer vertellers, maar met dezelfde vraag wat macht kost.
Peter Schaap maakt zijn fantasy net als Moorcock kort en zwaarmoedig. Een kind-priester draagt hier het gewicht van zijn volk, zoals Elric dat van zijn hof draagt, maar dan in een kaal ijslandschap in plaats van op een decadent eiland.
Melniboné is een rijk dat zijn eigen ondergang niet ziet; in Tigana is een land juist uit het geheugen gewist. Kay schrijft rijker en trager dan Moorcock, met meer hoop, maar ook hier speelt alles zich af in de schaduw van oude macht.
Een Nederlandstalige keuze voor wie Elric sterk vindt omdat zijn kracht niet vanzelf komt. Bij Peter Schaap moet een huurlinge het zonder de magie van haar soort stellen, in een even grauw en moreel troebel verhaal.