Een ex-gedetineerde, een dominee zonder kerk en een blut hotelreceptionist beginnen samen een bedrijfje: Jonasson heeft net als Pratchett een zwak voor sympathieke boeven. Zijn satire op geld en geloof is droog, snel en net zo makkelijk te lezen.
Een kerker die tegelijk een intergalactische realityshow is, gerund door een bedrijf dat alleen naar kijkcijfers kijkt: Dinniman fileert dezelfde winstzucht als het semafoorbedrijf in Posterijen. Grover, sneller en bloediger, maar net zo grappig.
Nombeko groeit op in Soweto en rekent zich met haar verstand uit elke hopeloze situatie, zoals Feucht leeft van zijn praatjes. Jonasson schrijft een absurde satire op overheden en grote belangen, vlot en vol onwaarschijnlijke wendingen.
Het milde cynisme waarmee Pratchett in Posterijen naar bedrijven kijkt, vind je hier terug in een satire op hemel en hel als twee bureaucratieën. Samen met Gaiman geschreven, met een engel en een demon die allebei vooral aan hun eigen gemak denken.
Een professor keert terug van een verre planeet en hoort dat hij volgens de papieren niet meer bestaat. Simak lacht net als Pratchett om instanties die vooral zichzelf dienen, in een vlot en vriendelijk verhaal vol rare wezens.
Skilgannon was de meest gevreesde zwaardvechter van zijn tijd en probeert als monnik een ander mens te worden. Waar Feucht zijn verleden als oplichter met humor afschudt, doet Gemmell het met zwaarden en ernst, maar de vraag of iemand kan veranderen is dezelfde.
Gedeeld: moreel grijze hoofdpersoon, toegankelijk en snel tempo
Feucht leidt een dubbelleven als oplichter die ineens postmeester moet zijn; Kate Connor als moeder die vroeger demonen joeg. Kenner speelt net zo lichtvoetig met dat dubbelleven, in een vlotte roman die je in een paar avonden uitleest.
Geralt staat net als Feucht aan de rand van de nette samenleving en wordt ingehuurd voor klussen die niemand anders wil. Sapkowski is grimmiger, maar zijn ironie over vorsten en hun beloftes doet aan de Patriciër denken.
Een Londense kantoorklerk verliest zijn gewone leven en moet overleven in een stad met eigen regels, markten en machtsspelletjes. Gaiman schrijft net als Pratchett met een knipoog, al is dit avontuur duisterder dan de strijd om de post.
Zoals Feucht ineens postmeester moet zijn, moet Shannon Parker zonder voorbereiding een godin spelen in een mythische wereld. Cast legt meer nadruk op romantiek, maar de grap van iemand die bluft tot het klopt is dezelfde.
Posterijen heeft een lichte romantische draad naast de satire, en dat evenwicht vind je ook bij Harris. Haar heldin kan gedachten lezen en raakt in dit derde deel verstrikt tussen bloedzuigers en gedaanteveranderaars, verteld met vaart en een knipoog.
Garion wordt van een afgelegen hoeve meegesleurd op een reis waar hij weinig van begrijpt, zoals Feucht in een baan waar hij nooit om vroeg. Eddings schrijft toegankelijk en geestig, met reisgenoten die elkaar voortdurend plagen.