Na Mijn lieve gunsteling is het debuut van Rijneveld de logische volgende stap: weer een boerenerf, weer een kind dat te veel alleen is, verteld in dezelfde overvolle, beeldende zinnen.
Rijneveld laat het platteland broeien tot het niet meer te harden is; Lize Spit doet dat in een Vlaams dorp, met een jeugdzomer die nooit is verwerkt. Even literair en net zo goed in kinderen die niemand echt ziet.
Ook Grunberg kruipt in het hoofd van een man van middelbare leeftijd wiens band met een jonge vrouw, zijn dochter, alles beheerst. Scherp, literair en steeds ongemakkelijker om te lezen.
Waar Rijneveld een afgesloten boerenwereld laat benauwen, doet Shirley Jackson dat met een huis waar een familie zich van het dorp afsluit. Korter en sprookjesachtiger, met een vertelstem die steeds vreemder klinkt.
Mijn lieve gunsteling draait om een kind dat de wereld van volwassenen niet kan overzien; Reves Elmer probeert die ook te begrijpen, in een korte klassieker die droog en dreigend tegelijk is.
Ook bij Herman Koch spreekt één man je de hele tijd rechtstreeks toe, en wordt elk gesprek ongemakkelijker naarmate je meer over hem hoort. Scherper en cynischer dan Rijneveld, met een familie aan tafel.
Na Rijnevelds zware stof past Renate Dorrestein, die net zo onverbloemd schrijft over een gezin dat uit elkaar valt na geweld. Psychologisch scherp en literair, met een rouwende familie in het middelpunt.
Ook Tana French schrijft over wat er in een kind kapotgaat en hoe dat een volwassene blijft achtervolgen, in lange, rijke zinnen. Een misdaadroman, maar net zo psychologisch en literair als Rijneveld.
Rijneveld geeft het woord aan een verteller die je liever niet zou horen; Van der Heijden laat een duivelse figuur vertellen hoe hij menselijke drama's aanstuurt. Weelderige taal, donker en literair.
Een boerderij, een kind en een volwassene die terugkijkt: Neil Gaiman gebruikt dezelfde ingrediënten als Rijneveld, maar maakt er een donker sprookje van. Korter en minder rauw, met dezelfde aandacht voor hoe alleen een kind kan zijn.
Net als Rijneveld schrijft Wieringa in rijke, bijbels getinte taal over mensen aan de rand van het bestaan. Een andere setting, de steppe in plaats van het erf, maar dezelfde langzame, schurende opbouw.
Rijneveld laat je opgesloten zitten in het hoofd van één verteller; Susanna Clarke doet dat in een eindeloos huis vol zalen en beelden. Lichter van toon, maar net zo literair en vol vreemde schoonheid.
Gedeeld: literair, psychologisch en langzaam opbouwend