De Thrint uit De wereld van de Ptavvs onderwerpt anderen met zijn gedachten; bij Heinlein doen parasieten op de rug van hun slachtoffers hetzelfde. Een snellere, rechttoe-rechtaan jacht die zich op aarde afspeelt.
Shepherd Blaine reist met zijn geest naar verre planeten en brengt iets mee terug. Net als Larry Greenberg is hij een telepaat die door een vreemd contact verandert; Simak vertelt het vriendelijker en minder grimmig.
Larry Greenberg moet het hoofd van een Thrint binnen, en ook bij Octavia Butler draait het om een geest die anderen kan beheersen. Duisterder en persoonlijker dan Niven, met minder humor.
Jorj X. McKie moet uitzoeken wat er speelt rond een Caleban, een vreemd sterwezen dat nauwelijks te verstaan is. Herbert maakt van het contact met een buitenaards brein een puzzel, net als Niven met zijn standbeeld op de zeebodem.
Gedeeld: epische wereld, psychologisch en spanning
Bij Vinge sluiten ondoordringbare bellen hele steden in, zoals een tijdloos veld de Thrint al eeuwen gevangen houdt. Ook hier gaat het om wat er gebeurt als zo'n bel opengaat; vlot, met politieke spanning.
Anderhalf miljard jaar lag de Thrint stil in zijn tijdloze veld; Simak voert een vrouw op die een millennium heeft geslapen en zo een tijd binnenstapt die de hare niet is. Het boek is optimistischer en minder dreigend dan Niven.
Steve Ryeland draagt een explosieve halsband op een aarde onder streng computerbewind, en ontsnappen leidt hem naar vreemd leven in de ruimte. Pohl en Williamson schrijven net als Niven vlot, vol ideeën en met haast.
Op Van Vogts aarde is elk gezag afgeschaft en waken alleen machines over de vrede. Wie bij Niven de vraag interessant vond wat een wezen met totale macht zou doen, vindt hier het omgekeerde: een wereld zonder macht.
Niven speelt met een machthebber die wakker wordt in een vreemd tijdperk, en A.E. van Vogt doet iets dergelijks met een Amerikaanse militair die naar de verre toekomst verdwijnt. Chaotischer en droomachtiger geschreven, en gebundeld met een tweede roman.
Een standbeeld dat geen standbeeld is, en bij Pohl en Williamson een ruimteobject dat niemand thuis kan brengen: allebei beginnen ze met een raadsel van buitenaf. De verste ster is meer speurtocht dan machtsstrijd.
Wie de botsing tussen een oud buitenaards ras en de mensen spannend vond, kan door met Asahel Frost. Julian May zet een speurtocht tussen concerns en een vreemd volk op touw, even vlot als Niven en met meer intrige.
Pardero weet niet meer wie hij is, maar ontdekt dat hij van de wereld Marune komt, zoals de Thrint zich na zijn ontwaken moet oriënteren. Vance schrijft eleganter en kleurrijker, met een eigen wereld vol rare gebruiken.