Varg Veum met dezelfde droge humor, nu net terug uit een ontwenningskliniek en als oppas in een villa. Ook hier ontspoort een rustig klusje in een verdwijning, zoals de zoektocht in Stavanger.
Drie werkloze historici in een vervallen Parijs pand: Fred Vargas brengt evenveel scheve humor als Staalesen, met een raadsel rond iemand die zomaar weg is. Lichtvoetiger, maar met een stevige plot.
Een blutte privédetective die een vermissing in de muziekwereld aanneemt: Marian Keyes geeft Helen Walsh net zo'n droge humor als Varg Veum. Luchtiger van toon, maar de zoektocht is echt.
Logan McRae wordt als 'beloning' overgeplaatst naar de uniformdienst op het platteland, en MacBride haalt daar veel zwarte humor uit. Net als bij Staalesen gaan lachen en gruwel hand in hand.
Wie om het lijk in de koelkast kon grinniken, is klaar voor Aberdeen: MacBride laat zijn rechercheurs een ontvoerd duo uit een talentenshow zoeken. Grimmiger dan Staalesen, maar de wrange grappen en de vermissing voelen vertrouwd.
Een sterrenkok zit vast voor de moord op zijn dochter, tot er twijfel ontstaat: M.W. Craven combineert net als Staalesen een grimmige zaak met een speurduo vol droge humor. Spannend, met een vermissing in de kern.
Een vermiste schrijver, een echtgenote die hem terug wil en een privédetective met een droge kijk op de wereld: Galbraith doet in Londen wat Staalesen in Stavanger doet. Duister, met humor tussen de regels.
Een onderwereld die steeds machtiger wordt, en speurders die toch doorgaan: wat Veum in Stavanger meemaakt, ervaren Kenzie en Gennaro in een Bostonse volkswijk rond een vermist kind. Minder grappig, wel even spannend en duister.
Een aan lager wal geraakte detective die met een kater een vermissing aanneemt: een Amerikaanse geestverwant van Veum. Donaldson schrijft donkerder, maar de mix van zelfspot en speurwerk is dezelfde.
V.I. Warshawski, net als Veum een privédetective met een eigen kop, raakt na een nachtelijke surveillance betrokken bij een vermissing. Toegankelijk en met dezelfde droge stem.
Wie is de vrouw in de koelkast eigenlijk? Die vraag naar de identiteit van een slachtoffer staat ook centraal bij Kathy Reichs, waar een antropologe en een internetspeurder vermisten en naamloze doden aan elkaar proberen te koppelen. Forensisch, met droge humor.
Uit een Amsterdams ziekenhuis verdwijnt een vrouw, en De Cock speurt met zijn bekende laconieke toon. Baantjer schrijft eenvoudiger dan Staalesen, maar de combinatie van vermissing en droge kwinkslagen past goed.