Na De fraudejagers is dit de logische volgende van Bob Mendes: weer een Vlaamse gewone man die in het grote geld verzeild raakt. Waar Jonathan Jackson de belastingfraude induikt, kijkt Jelle Lievens achter een snelle beursklimmer.
Jonathan Jackson zoekt in De fraudejagers uit wat zijn ex overkwam, en Malcolm Bannister in De afperser hoe hij uit de cel komt: twee mannen die het systeem tegen zichzelf gebruiken. Grisham is Amerikaans en juridisch, Mendes Belgisch en financieel.
Een zoektocht die begint bij één dode of verdwenen jonge mens en uitkomt bij machtige belangen: dat delen De fraudejagers en De wreker. Frederick Forsyth speelt het groter op, met Bosnië en een internationale jacht.
Mendes laat in De fraudejagers zien hoe fraude tot in de top van de Belgische politiek reikt, en Camilla Grebe doet hetzelfde met corruptie in Moskou. Allebei thrillers waarin geld en macht de echte schurken zijn.
Jonathan Jackson ontdekt in De fraudejagers dat er achter de nette gevels van Brussel veel rot is, en John Rebus ziet dat in Edinburgh tijdens het festival. Ian Rankin schrijft somberder en Schotser, met hetzelfde wantrouwen tegenover wie de touwtjes in handen heeft.
Waar Bob Mendes de Belgische overheid op de korrel neemt, richten Sjöwall en Wahlöö zich op de Zweedse politie zelf. Ouder en kaler geschreven, maar met dezelfde boosheid over macht die ontspoort.
Een misdaad waarin mensen het slachtoffer worden van geldzucht, en speurders die een netwerk ontrafelen: De slangenkop van Peter May ligt dicht bij De fraudejagers. May speelt tussen China en Amerika, Mendes tussen Brussel en de Belgische top.
Gabriel Allon wordt door een oude vriend gevraagd een dood uit te zoeken, en ook Jonathan Jackson gaat in De fraudejagers aan de slag vanwege iemand van vroeger. Daniel Silva voegt kunst en spionage toe.
Rudy Soetewey is net als Bob Mendes een Vlaamse thrillerschrijver die gewone mensen in een groot complot laat vallen. In Terecht is het een journalist met een geheim filmpje, in De fraudejagers een man bij de belastingdienst, maar de Belgische setting is dezelfde.
Waar Jonathan Jackson in De fraudejagers tussen ambtenaren en ministers belandt, raakt Michael Bellicher verstrikt in de wereld van managementadviseurs en digitale identiteit. Charles den Tex schrijft Nederlands en snel, met hetzelfde wantrouwen tegen de top.