Gabriel Allon is de serieuze, Israëlische tegenhanger van Deavers Bond: een agent die na bomaanslagen in Europa een netwerk moet oprollen. Silva schrijft iets bedachtzamer, met dezelfde race tegen een volgende aanslag.
Na de Bond van Carte blanche voelt De Engelse spion vertrouwd: Britse inlichtingendiensten, een aanslag met een koninklijk slachtoffer en een jacht op de dader door Europa. Silva is iets ingetogener dan Deaver.
Zoek je na Carte blanche nog een agent die tegen de klok een ramp moet voorkomen, dan past Cotton Malone. Steve Berry geeft het een historisch randje en Amerikaanse politiek als speelveld, met minder gadgets dan bij 007.
Een reeks branden in Europese musea zet Cotton Malone op een spoor dat door verschillende landen leidt, met de globetrottervaart van Carte blanche. Meer historische raadsels, minder geheime dienst.
Bij Tom Clancy komt de dreiging uit het Kremlin, via een computervirus dat Amerika moet ontwrichten. Net als in Carte blanche draait het om een aanslag op grote schaal die een kleine groep moet tegenhouden, met meer techniek en politiek.
De Campus van Clancy is net zo'n dienst buiten de officiële kanalen als de organisatie die Bond in Carte blanche aanwerft. Pakistaanse officieren, terroristen en een team dat moet ingrijpen voor het te laat is.
Clive Cussler mikt op hetzelfde publiek als Deaver met Bond: grootschalige dreiging, exotische plekken en een held die nooit stilzit. Dirk Pitt is wel avontuurlijker en luchtiger, met veel actie onder water.
Een archeologe die als enige een aanval overleeft, en een NUMA-team dat moet uitzoeken wie erachter zit: Cussler bouwt net als Carte blanche op een snelle jacht naar een onbekende vijand. Meer avonturenroman, minder spionage.
Lee Child zet een generaal neer die in het Pentagon niemand meer vertrouwt, en Jack Reacher is de buitenstaander die ze nodig heeft. Kaler en minder glamoureus dan Deavers Bond, met hetzelfde tempo.
M.W. Craven laat oud-marshal Ben Koenig op jacht gaan na een briefje met vier namen, en die kale vaart ligt dicht bij Deavers 007. Kort van stof, met een held die vooral op zijn eigen oordeel vertrouwt.
Baldacci's Camel Club werkt net als de dienst van Bond in Carte blanche aan de rand van het officiële Washington. Een sterfgeval in de Library of Congress opent een zaak vol spionage, met iets meer puzzel en minder actie.
Een gijzeling tijdens een werkbezoek aan Afghanistan brengt Iris Johansen in een wereld die Bond-lezers kennen: de veteraan uit Carte blanche kwam daar vandaan. Johansen houdt het tempo even hoog, met een vrouw die zich staande moet houden.