Bruidsjurk laat je twijfelen aan wat een hoofdpersoon waarneemt, en Shutter Island doet dat op een eiland met een inrichting voor de kust van Boston in 1954. Dennis Lehane schrijft dreigend en filmisch, met een sfeer die net zo onbehaaglijk is als bij Lemaitre.
In Bruidsjurk wordt Sophie steeds vergeetachtiger zonder te weten waarom; in Geheugenfout gaat het mis met een vrouw die haar angstige vriendin naar de therapeut brengt. Dean Koontz voegt een vleug horror toe aan dezelfde geestelijke ontreddering.
Een moeder alleen met haar zieke dochtertje terwijl een ontsnapte tbs'er het huis binnendringt: Blauw water heeft de benauwdheid van de eerste hoofdstukken van Bruidsjurk. Simone van der Vlugt wisselt van perspectief en houdt het kort en spannend.
Sebastian Fitzek speelt in Passagier 23 net als Lemaitre met verdwenen mensen en een waarheid die steeds verschuift. Een agent die zijn gezin verloor op een cruise keert terug aan boord; groter opgezet en sneller dan Bruidsjurk, minder literair.
Millie in De hulp is net als Sophie in Bruidsjurk een vrouw met een verleden die als hulp bij een gezin terechtkomt. Freida McFadden schrijft lichter en sneller dan Lemaitre, maar het ongemak van een huis waar iets niet klopt is hetzelfde.
In Bruidsjurk wordt het verhaal van meer dan één kant verteld, en dat doet Freida McFadden in De leraar ook, op een middelbare school waar Eve en haar man lesgeven. Korte hoofdstukken, venijnige personages en een flinke dosis argwaan.
Minette Walters schrijft net als Lemaitre psychologische misdaad met oog voor wat druk met mensen doet. In Niemandsland gaat een jonge arts op huisbezoek in een verpauperde wijk en raakt ze klem in een situatie die uit de hand loopt.
Bruidsjurk volgt een vrouw die langzaam ontspoort; Witte raaf volgt een man die alles lijkt te hebben. Bram Dehouck houdt net als Lemaitre van een hoofdpersoon die je niet helemaal kunt vertrouwen, en schrijft met een scherp, Vlaams randje.
Lemaitre laat in Bruidsjurk zien hoe het voelt om opgejaagd te worden, en Deaver keert dat om: hier is een vrouw doelwit van iemand die haar komt zoeken. Het verhaal speelt zich af in korte tijd en blijft wisselen tussen beide kanten.
Gedeeld: meerdere vertellers, psychologisch en spanning
Bruidsjurk begint in een huiselijke omgeving die plots onveilig wordt, en Inbraak doet dat letterlijk: een stel betrapt na een feestje een inbreker. Rudy Soetewey bouwt daarna een benauwend psychologisch spel op, Vlaams en compact.
Zusje en Bruidsjurk hebben allebei een vrouw in het middelpunt die vecht tegen het beeld dat anderen van haar of haar zus hebben. Rosamund Lupton is warmer en treuriger van toon, Lemaitre kouder, maar in beide boeken draait alles om de vraag wat er echt gebeurde.
Esther Verhoef schrijft in De kraamhulp over een jonge moeder die na een zware bevalling aan bed ligt. Net als Sophie in Bruidsjurk weet ze steeds minder wie ze kan vertrouwen, en de dreiging komt van heel dichtbij.