In Bittere pil krijgt Vic haar zaak doordat iemand in haar omgeving sterft, en zo begint het voor Kinsey Millhone hier ook. Grafton is lichter en Californischer, maar beide vrouwen weigeren een makkelijke verklaring te slikken.
Het eerste avontuur van Kinsey verscheen vrijwel tegelijk met dat van Vic, en wie Bittere pil uit heeft, ziet meteen de verwantschap: een vrouw alleen, een eigen kantoor, een scherpe ik-stem. Rustiger dan Paretsky, met meer zon.
Een arts die te veel vragen stelt, speelt een grote rol in Bittere pil; Kay Scarpetta is zelf zo'n arts. Cornwell is technischer en harder, maar de spanning rond medische geheimen en wie ze wil toedekken lijkt erop.
Bittere pil volgt het spoor van een kliniek, en ook bij Gerritsen staan een patholoog en een rechercheur tegenover een gesloten gemeenschap. Meer thriller en minder privédetective, met hetzelfde oog voor vrouwen die niemand beschermt.
Bittere pil draait om kwetsbare mensen die in een zorginstelling buiten beeld vallen, en Yrsa doet dat in IJsland. Thóra is advocaat in plaats van speurder, en het boek is somberder en ijziger dan Paretsky.
Sara Linton is kinderarts en lijkschouwer tegelijk, wat haar net als de dokters in Bittere pil midden tussen leven en dood zet. Slaughter is veel harder en grauwer dan Paretsky; kies dit als je een donkerder toon aankunt.
Robin en Strike worden hier zelf het doelwit, zoals Vic in Bittere pil merkt dat haar vragen haar in gevaar brengen. Galbraith is langer en gewelddadiger, met meer ruimte voor de band tussen de twee speurders.
Liese Meerhout heeft dezelfde mix van koppigheid en eenzaamheid als Vic, al werkt ze bij de politie in Antwerpen. Coppers is Vlaams en sfeervoller, Paretsky Amerikaanser, en beide lezen vlot.
Bittere pil laat zien wat er gebeurt als zorg om geld draait, en May zet zijn moordzaak midden in een ontwrichte gezondheidszorg. Sneller en filmischer, met een Londense rechercheur in plaats van een privédetective.
Wie in Bittere pil de jonge Consuelo niet uit het hoofd krijgt, vindt bij Hartman ook een jonge vrouw wier dood alles in beweging zet. Nederlands, rustiger, en meer over een kleine gemeenschap dan over een grote stad.
Na de kliniekzaak van Bittere pil is Thijssen een prettige Hollandse tegenhanger: korte hoofdstukken, droge humor en een speurder die zijn eigen huur moet betalen. Minder medisch en minder Amerikaans, wel even eigenwijs.
In Bittere pil wordt Vic bedreigd omdat ze te dicht bij de waarheid komt, en Kay Scarpetta heeft daar in Het eindstation ook mee te maken. Cornwell is kouder en forensischer, Paretsky menselijker en meer met de straat bezig.