Na het landgoed van Chuffy en het jacht van de Stokers is dit Wodehouse op dezelfde snelheid, maar zonder Bertie: in een oud landhuis botsen verliefdheid, een schoonvader en een kostbaar sieraad. Voor wie meer wil van hetzelfde kluchtige recept.
Bertie wordt door zijn banjolele uit Londen verdreven; Jim Dixon raakt op een provinciale universiteit in steeds grotere ellende. Kingsley Amis schreef een Engelse komedie met dezelfde opeenstapeling van rampen, net wat scherper van toon.
Bertie probeert te ontsnappen aan een vroegere verloving, Henry Wilt aan zijn eigen gezin. Tom Sharpe maakt er een ruwere klucht van dan Wodehouse, maar de kettingreactie van misverstanden voelt vertrouwd.
Townsend sluit de Windsors op achter een hek tussen gewone buitenbeentjes, en laat zo zien hoe weinig er van hun deftigheid overblijft. Wie bij Bedankt, Jeeves! lacht om rijke Amerikanen en Engelse adel die de weg kwijtraken, vindt hier een fellere variant.
Een ex-verloofde die ineens opduikt is voor Bertie het begin van de ellende, en Rob Fleming kent dat gevoel. Nick Hornby schrijft over een man en zijn mislukte liefdes met dezelfde lichtheid als Wodehouse, alleen moderner en Londens.
Ook bij Anne Tyler bemoeit een vader zich met wie zijn dochter trouwt, net als de vader van Pauline Stoker. Een lichte, romantische komedie over een eigenzinnige vrouw, met een warme toon die Wodehouse-lezers zal bevallen.
Pauline Stoker brengt Bertie in de knoei; Phileine brengt elke man in de knoei met haar scherpe tong. Giphart schrijft een vlotte, grappige liefdesroman die net als Bedankt, Jeeves! leeft van een botsing tussen eigenwijze geliefden.
Chuffy en Bertie zijn tenminste nog beleefd; Ignatius J. Reilly scheldt half New Orleans de huid vol. Een wilde, Amerikaanse komedie voor wie na Wodehouse een hoofdpersoon wil die nog onverbeterlijker is.
Bedankt, Jeeves! zit vol excentrieke figuren, en Toon Kortooms voegt er een Nederlandse aan toe: de reusachtige, altijd hongerige oom Theodoor. Knusse, ouderwetse humor zonder haast, met dezelfde liefde voor zonderlingen.
Bertie gelooft heilig in zijn banjolele, Adrian Mole gelooft heilig in zijn eigen talent als dichter. Sue Townsend laat zien hoe grappig zo'n blinde vlek is, in het dagboek van een puber uit Leicester.