Tim Diamant kan nauwelijks zijn veters strikken, en oom Harry van Piep is evenmin een speurder om op te bouwen. Marc de Bel laat net als Horowitz de kinderen het echte werk doen, met humor die nergens bang voor is.
Nick moet in Publieke vijand nummer twee een misdadiger ontmaskeren terwijl hij zelf vastzit. Bij Jacques Vriens speuren twee vrienden ook liever zelf dan het aan de agenten over te laten; realistischer, maar even spannend.
Een kind dat buiten zijn schuld met boeven te maken krijgt: Nick Diamant in de gevangenis, Sanne bij Bies van Ede. Een vlot Nederlands avontuur voor wie na Horowitz verder wil.
Horowitz drijft de spot met harde misdaadverhalen, Bies van Ede houdt het vriendelijk: een bandje, een festival en een gitaar die verdwijnt. Voor wie van speurwerk houdt, maar even zonder gevangenis en gangsters.
Een slimme jongen die zich met vindingrijkheid uit lastige situaties redt: Nick Diamant in de cel, Carl bij Martha Heesen met zijn zelfgebouwde apparaten. Allebei grappig, met een held die het van zijn hoofd moet hebben.
Tim Diamant is bang in het donker, en Tom bij Cornelia Funke heeft ook alle reden om te schrikken als er een spook in de kelder zit. Lachen om angst is het gedeelde recept, in een kort en snel boek.
Wie na Publieke vijand nummer twee meer jonge speurders zoekt, kan bij Sanne Rooseboom terecht, waar een heropgericht ministerie een oude zaak oppakt. Minder gangsters, wel veel humor.
Nick Diamant leidt in de gevangenis een dubbelleven, en Roos bij Anna Woltz ook: in de klas is ze gewoon een meisje, thuis een prinses. Vlot, grappig en met een geheim dat steeds lastiger te bewaren is.
Horowitz laat zijn boeven als in een stripverhaal steeds weer opkrabbelen, en Lydia Rood houdt van net zulke overdreven humor met haar stinkende Marietje Appelgat. Geen misdaad, wel dezelfde lol in het absurde.