Uri Bloemkool speelt zijn hele leven butlers en krijgt pas op hoge leeftijd zijn grote rol. Reve schreef met De stille vriend een even weemoedig en komisch verhaal over een succesvolle man die zichzelf toch vooral een lafaard vindt.
Hoogste tijd draait om een man die op zijn oude dag nog iets groots mag doen. Elsschot laat Frans Laarmans op een natte avond met drie zeelui door Antwerpen zwerven, kort, ontroerend en met dezelfde milde humor.
Gedeeld: literair, emotioneel en langzaam opbouwend
Bij Mulisch loopt toneel steeds door in het echte leven; bij Salinger is de familie Glass een gezelschap acteurs en wonderkinderen dat zijn eigen rollen moeilijk kan afleggen. Geestig, gevoelig en vol lange, bijzondere gesprekken.
Uri Bloemkool leeft voor het theater; Rosenbooms Lou Baljon begint in de jaren zeventig een bioscoop in een gekraakt pand. Allebei romans over mannen met een droom aan de rand van de kunstwereld, met humor en een vleug weemoed.
Mulisch schrijft in Hoogste tijd met een knipoog over wat er van een leven overblijft. Verhulst gaat nog een stap verder en volgt een man voorbij zijn eigen dood, absurd, grappig en net zo weemoedig.
Uri Bloemkool staat op zijn oude dag nog één keer in het licht. Van Dis kiest het omgekeerde: zijn schrijver zoekt juist de stilte van het platteland op, en ontdekt daar dat de jaren ook hem niet ongemoeid laten. Geestig en weemoedig.
Uri Bloemkool is een kleine man met een groot verlangen. Capote's De grasharp gaat over een jongen en twee oudere nichten in een stadje in het Amerikaanse Zuiden die zich even aan de wereld onttrekken, teder en licht komisch.
Gedeeld: literair, emotioneel en langzaam opbouwend
Mulisch kijkt in Hoogste tijd met mildheid naar een leven dat bijna voorbij is. Hertmans blikt terug op een Vlaamse jeugd in de jaren vijftig en zestig, vol eigenaardige volwassenen, met dezelfde mengeling van humor en heimwee.
Bij Mulisch moet een oude acteur nog één keer het podium op; bij Esther Gerritsen staat Olivia op het punt een zaal toe te spreken als het telefoontje komt. Een droge, scherpe roman over familie en verplichtingen, met dezelfde lichte ironie.
Hoogste tijd speelt met de grens tussen rol en werkelijkheid. Grunberg stuurt zijn psychiater Otto Kadoke op een onwaarschijnlijke reis vol misverstanden, scherper en ongemakkelijker, maar met dezelfde zwarte humor.
Uri Bloemkool is een eeuwige bijrolspeler die niet klaagt. Joseph Roths Andreas Pum is net zo'n bescheiden man, tevreden met zijn plek in de wereld. Kort, triest en vol mededogen.
Wie in Hoogste tijd de melancholie achter de humor waardeert, vindt dat ook in Capote's verzamelde verhalen. Eenentwintig vertellingen over buitenstaanders en dromers, vaak klein van opzet en groot van gevoel.
Gedeeld: literair, emotioneel en langzaam opbouwend