Broeder Bonaventura worstelt met zijn geweten binnen een kerk die hij niet durft te weerspreken. Graham Greene laat een priester zien in een Mexicaanse deelstaat waar de kerk verboden is. Een klassieker over geloof, schuld en lafheid.
De jongens in het pensionaat van Het hout zijn overgeleverd aan volwassenen en aan elkaar. Te Gussinklo kruipt in het hoofd van een puber in hetzelfde naoorlogse decennium, die op kamp zijn positie in de groep probeert te veroveren. Psychologisch en verstikkend.
Het hout ontleedt de hypocrisie van een religieuze gemeenschap. Rijneveld doet dat in een streng gereformeerd dorp, waar een gezin na de dood van een zoon verstijft. Rauw, poëtisch en net zo benauwend.
Een religieus systeem dat de zwaksten kapotmaakt terwijl de omstanders zwijgen: dat is Het hout, en in de vorm van een dystopie ook Atwoods Gilead. Spannender opgebouwd, met dezelfde vraag naar meewerken en weigeren.
Mag je zwijgen als je ziet dat er iets vreselijks gebeurt? Brouwers stelt die vraag aan een kloosterbroeder, Camus aan de inwoners van Oran tijdens een epidemie. Een filosofische klassieker over verantwoordelijkheid.
Bonaventura laat na wat Japins zangeres wel doet: zij stapt naar de rechter om een jong meisje te beschermen. Twee boeken over een kind dat bescherming nodig heeft en de keuze om in te grijpen, Japin ingetogener.
Het hout vraagt of zwijgen je medeplichtig maakt. Lanoye zet die vraag in het Antwerpen van vlak voor de oorlog, met een toneelbezeten schouwburgdirecteur die zijn eigen keuzes moet maken. Uitbundiger en moreel net zo grijs.
Een man die eerlijk wil blijven in een systeem vol corruptie: bij Brouwers een kloosterbroeder, bij Joseph Roth een ijkmeester in een grensstadje. Melancholisch, met een hoofdpersoon die langzaam wegglijdt.
Wat een groep met het geweten van een individu doet, onderzoekt Brouwers in een pensionaat. Bervoets doet het in een schoolgebouw waar acht mensen een tv-programma opnemen. Experimenteler, net zo beklemmend.
De wreedheid tussen jongens onderling speelt ook in Het hout een rol. In de vroege novellen van Reve zoekt de jonge Elmer koortsachtig een vriend, met een sadistische trek. Kort en ongemakkelijk.
Iedereen in het pensionaat weet wat er gebeurt en niemand zegt iets. Durlacher laat een jonge vrouw opgroeien met een vader wiens verleden onbesproken blijft, tot geweld haar eigen leven binnendringt. Spannender opgebouwd, met hetzelfde zwijgen als thema.