Het vervolg op Een jongen met de naam Kerstmis: het is kerstavond en de magie op de Noordpool raakt op. Matt Haig houdt dezelfde grappige toon en hetzelfde knusse wintergevoel, dus wie Nikolas leuk vond, leest hier verder.
Stikkum is de minst stoere viking van Berk, zoals Nikolas aan het begin ook geen held lijkt. Cressida Cowell schrijft net zo grappig als Matt Haig, met nog meer vaart en tekeningen tussen de tekst.
In Caprona maken twee rivaliserende tovenaarsfamilies de beste spreuken van Italië. Diana Wynne Jones mengt magie en humor zoals Matt Haig, met een stad vol ruzie in plaats van een besneeuwd elfendorp.
Coen heeft altijd pech, en volgens zijn oom Alfred, een tovenaar, loopt het slecht met hem af als hij niets verandert. Net als Nikolas moet hij een oneerlijke start overwinnen, in een fantasyverhaal vol humor van Diana Wynne Jones.
Aster zit vast bij een strenge stiefmoeder en stiefzussen, zoals Nikolas bij zijn gemene tante Carlotta. Lindsey Kelk maakt er een vrolijk sprookje van met veel grappen en een snel tempo.
Aster is op de vlucht met haar pratende hond Vonk, omdat het hele kasteel denkt dat ze een heks is. Net als in Een jongen met de naam Kerstmis trekt een kind er alleen op uit, en Lindsey Kelk houdt het luchtig en knus.
De duizend jaar oude koning Mansolein heeft een hart dat bijna stilstaat. Paul Biegel bouwt rond die zieke koning een reeks verhalen over dieren en dwergen, knusser en sprookjesachtiger dan Matt Haig en fijn om voor te lezen.
Nikolas trekt het onbekende noorden in; bij Paul van Loon stappen twee kinderen via een geheimzinnige kast een avontuur in. Vlot, grappig en een tikje spannend, net als het kerstverhaal van Matt Haig.
In Teiresië leven mensen, elfen en kabouters in vrede dankzij de oude koning Teiresias. Wie het elfendorp Elfhelm leuk vond, vindt bij Mark Tijsmans een vergelijkbare wereld vol vreemde wezens, met iets meer avontuur.
Nim groeit op tussen de grafstenen en wordt grootgebracht door de geesten van het kerkhof, zoals Nikolas zijn weg moet vinden zonder vader in de buurt. Neil Gaiman is griezeliger dan Matt Haig, maar heeft net zo veel humor.
Waar Nikolas een gemene tante treft, ontdekt Hanneke ineens dat ze er vijf heeft, elk met een bijzondere gave. Alexander McCall Smith schrijft kort, grappig en gezellig, goed voor jonge lezers die van Matt Haig houden.
David Eliot belandt op een afgelegen internaat dat precies op hem lijkt afgestemd. Anthony Horowitz heeft net als Matt Haig een droge, grappige toon, al loopt het hier griezeliger en avontuurlijker.