Annika Bengtzon graaft in De rode wolf in een aanslag uit de Koude Oorlog; Baldacci laat die oude vijandschap juist opnieuw oplaaien, via een wapenhandelaar die verzonnen nieuws de wereld in stuurt. Allebei draait het om wat media met de waarheid doen, al is dit Amerikaanser en sneller.
Van de Zweedse kranten in De rode wolf naar het Noorse bedrijfsleven: Nesbø schrijft hier een losstaand boek, zonder Harry Hole, met een man die alles riskeert voor zijn levensstijl. Geen journalist en geen Koude Oorlog, wel hetzelfde Scandinavische tempo in korte hoofdstukken.
Annika Bengtzon zet haar gezin op het tweede plan voor een verhaal uit Luleå, en Marsons' rechercheur Kim Stone is al net zo bezeten van haar werk. Dit tiende deel is bloederiger en Engelser dan Marklund, met dezelfde vaart en een vrouw die geen nee accepteert.
Marklund zet een journalist op een spoor dat al decennia koud is; Gerritsen begint juist in het mortuarium van Boston, waar een vrouw die dood leek haar ogen opent. Ook hier een vrouw die haar werk niet kan loslaten, met korte scènes en flink wat spanning.
Annika worstelt met een gezin dat lijdt onder haar baan; in Scorpio speelt de botsing tussen moederschap en gevaar zich af in Berlijn, bij een moeder die verdacht wordt van een aanslag op haar zoontje. Vandermeeren schrijft kariger en psychologischer, met minder politiek op de achtergrond.
Een vrouw die haar eigen weg gaat en niemand helemaal toelaat: dat herken je van Annika Bengtzon en ook van webdesigner Marion, die kickbokst en alleen werkt. Vandermeeren houdt het kleiner en persoonlijker dan Marklund, zonder krantenredactie.
In De rode wolf is Annika een stadse verslaggever die in het verre noorden niemand kent. Boersma kiest een kleinere schaal: een Nederlandse moeder die zich in haar eigen dorp een vreemde voelt, en de spanning zit hier vooral binnenshuis.
Annika rijdt voor haar krant naar Luleå; Mickey Haller doet zijn werk vanaf de achterbank van zijn Lincoln, van rechtbank naar rechtbank. Connelly geeft net als Marklund een kijkje in een beroep met eigen regels, al gaat het hier om de rechtszaal in plaats van de redactie.
Een vrouw die ver van huis op zichzelf is aangewezen: in De rode wolf is dat een verslaggever in Noord-Zweden, bij Van der Vlugt een lerares die alleen door Egypte reist. Rustiger op gang dan Marklund en meer gericht op wat er in het hoofd van de hoofdpersoon omgaat.
Waar Marklund de Zweedse politiek en de krantenwereld laat botsen, kijkt Den Tex naar de wereld van adviseurs. Michael Bellicher raakt van slag door een broer die na jaren terugkomt als vrouw: een Nederlandse thriller die net als De rode wolf ook over familie gaat.
Lees je De rode wolf vooral om het tempo, probeer dan Musso: oud-politieman Mathias Taillefer wordt na een hartaanval wakker in een Parijs ziekenhuis, met een onbekende vrouw naast zijn bed. Minder politiek, meer raadsel, en net zo toegankelijk geschreven.
De aanslag op het vliegveld bij Luleå is in De rode wolf de opmaat naar actie; bij Craven is actie alles. Ben Koenig is een oud-agent die vecht in plaats van belt, en dit tweede deel leest nog sneller dan de speurtocht van een Zweedse journalist.