Net als Tom Blixen komt de Britse hoofdpersoon van Dick Francis als buitenstaander in Moskou terecht, waar niets is wat de gastheren zeggen. Ouder decor, van voor de val van de Sovjet-Unie, en lichter van toon, maar de dreiging achter de beleefdheid is dezelfde.
Sidney Sheldon stuurt een Amerikaanse naar het Oost-Europa van de Koude Oorlog, zoals De poppenspeler een Zweedse bankier naar Moskou stuurt. Vlot geschreven, met diplomatie en complotten in plaats van oliedeals.
De internationale dreiging uit De poppenspeler wordt bij Daniel Silva een jacht op terroristen dwars door Europa. Gabriel Allon is een professional in plaats van een bankier die erin rolt, maar het tempo en de geopolitiek liggen dicht bij elkaar.
Wie van de grote belangen rond Russische olie hield, vindt bij Clive Cussler een vinding die de wereld kan veranderen en mensen die daar alles voor overhebben. Meer avontuur en actie dan De poppenspeler, en minder geloofwaardig, wel erg vlot.
Annika Bengtzon graaft net zo vasthoudend als Tom in een wereld van macht en oude rekeningen, hier rond een aanslag uit de Koude Oorlog. Journalistiek in plaats van bankwezen, met dezelfde Zweedse nuchterheid.
Na de Moskouse feesten van Tom is dit een andere Zweedse kijk op georganiseerde misdaad, gezien door de ogen van een journaliste op de nachtredactie. Toegankelijk en snel, met een vrouw op de vlucht als hart van het verhaal.
Ook Iris Johansen laat een gewone westerling verstrikt raken in een spel tussen gevaarlijke mannen in een ver land. Meer actie en een vrouwelijke hoofdpersoon, met hetzelfde mengsel van gevaar en een vleugje romantiek als in De poppenspeler.
Tom voelt zich verantwoordelijk voor de familie van zijn vermoorde vriend, en de hoofdpersoon van Dick Francis maakt van zulke verantwoordelijkheid zijn vak: hij helpt families bij ontvoeringen. Minder Rusland, meer vakmanschap en understatement.
Na de Zweedse bankier in Moskou volgt een Noorse journalist die in de onderwereld van Oslo zijn eigen rekening vereffent. Thomas Enger is iets donkerder en persoonlijker, maar deelt het Scandinavische oog voor macht en geld.
Jens Lapidus kent net als De poppenspeler de wereld van geld, misdaad en de mensen die ertussen schipperen. Hier speelt het in een Stockholm dat met muren is opgedeeld, rauwer en sneller dan het oliebedrijf van de oligarch.
Wie de combinatie van spanning en een vrouw met een geheim uit het verleden goed vond, vindt die bij Koontz terug in een oud-agent die een verdwenen vrouw zoekt. Amerikaanser en sneller, met een overheid die meekijkt.
De poppenspeler draait om macht achter gesloten deuren en mensen die niet zijn wie ze lijken. Sandra Brown speelt dat spel aan een officieel diner met een tweeling, luchtiger en met meer romantiek, maar met dezelfde vlotte spanning.