De verteller van Datumloze dagen kijkt terug op een vaderschap dat hem met schaamte vervult. Wolkers schrijft over een man die de schuld om de dood van zijn dochtertje niet kwijtraakt. Zintuiglijker en rauwer, net zo onverbiddelijk.
Een man die terugblikt op een liefde die stukliep: bij Brouwers op een kinderwens, bij Tolstoj op jaloezie. Beide teksten zijn sober, kort en zonder troost, en laten de verteller zichzelf ontmaskeren.
Datumloze dagen is geschreven vanuit een vader die tekortschoot. Oek de Jong kiest de andere kant, de dochter van een wrede en onbetrouwbare vader in een Fries dorp. Uitvoeriger, met dezelfde pijnlijke vader-kindband.
Een liefde die zijn eigen tijd niet overleefde en later nog eens wordt bekeken: Brouwers via een vervreemde zoon, Haasse via twee ex-geliefden die samen op vakantie gaan. Elegant en ingetogen.
Gedeeld: literair, psychologisch en relatie en huwelijk
De dood hangt over Datumloze dagen, en bij Rijneveld begint alles met de dood van een oudste zoon op een gereformeerde boerderij. Beklemmend, rauw en poëtisch, voor wie Brouwers' somberheid niet afschrikt.
De vader in Datumloze dagen ontmoet zijn zoon alleen bij toeval en schaamt zich voor wat hij hem onthield. Ook in dit andere boek van Brouwers zit een man letterlijk vast met een vrouw die veel jonger is, en kan hij nergens heen voor zijn eigen tekortkomingen.
Brouwers laat een naamloze man zijn falen als vader overdenken. Bij Claus gebeurt iets vergelijkbaars in een enkele nacht, waarin een man op een kantelpunt zichzelf niet meer ontloopt. Koortsiger en korter, net zo zonder genade.
Een liefde die zonder grote woorden verdort, met mensen die elkaar niet meer bereiken: zo begint Datumloze dagen. Boon toont in Menuet een huishouden van drie dat net zo stil uit elkaar groeit, in een grauwe Vlaamse werkelijkheid. Kort en somber.
De relatie in Datumloze dagen breekt op een verschil dat niet te overbruggen valt. Te Gussinklo laat een man zijn geliefde in een keurslijf duwen van hoe een vrouw hoort te zijn, tot dat onhoudbaar wordt. Ongemakkelijk en psychologisch fijn.
Rouw zonder tranen en een verteller die zijn gevoel verstopt in sobere zinnen: dat deelt Brouwers met Margriet de Moor. Zij volgt een weduwe die in het holst van de nacht in de keuken staat te bakken. Kort, stil en vol ingehouden verdriet.
Een stel dat ooit samen iets opbouwde en elkaar kwijtraakte: bij Brouwers rond een kinderwens, bij Marente de Moor rond een opvang voor weesberen in de Russische bossen. Verrassender van decor, net zo melancholisch.