Blauwe snoepjes speelt rond Kerstmis in een warenhuis, De Gifzuster grotendeels in een ziekenhuisbed en op de gangen erachter. Twee heel andere plekken, maar Marc de Bel en Floortje Zwigtman laten allebei kinderen ontdekken dat een vertrouwde omgeving een donker geheim heeft.
In Blauwe snoepjes staat er ineens een meisje dat ontsnapt is, en ook bij Lieneke Dijkzeul raakt een gewoon kind binnen een paar minuten verstrikt in iets gevaarlijks. Even snel en spannend, met een kleiner decor dan een warenhuis vol kerstdrukte.
Marc de Bel stuurt Lien en Nick door een drukke stad; Tais Teng houdt het kleiner, met een zus en haar broers rond één verdacht huis. Iets lichter dan Blauwe snoepjes, maar met dezelfde kinderen die zelf de boeven willen vinden.
Jimmy's werk bij het warenhuis brengt Lien en Nick op het spoor van een geheim, en bij Bies van Ede merkt Jay dat zijn vader bang is voor een gebouwtje in de wijk. Allebei beginnen ze bij een plek waar je liever niet naar binnen gaat.
Een speurtocht van kinderen tegen een gevaarlijke volwassene, zoals in Blauwe snoepjes, zit ook in De Klugt-code. Bies van Ede laat het raadsel beginnen bij een oud dagboek: minder eng dan De Bel en met meer puzzelwerk.
Blauwe snoepjes draait om neven en nichten die samen iemand zoeken, en Jacques Vriens schrijft over vrienden die het onderzoek van de politie overnemen. Realistischer en minder griezelig dan De Bel, met dezelfde vriendschap als motor.
Dezelfde schrijver in een heel andere stemming: waar Blauwe snoepjes echt eng wordt, is dit een dolle speurtocht vol rare uitvindingen. Een goede keus voor wie de logeerpartij in de stad van Lien en Nick leuk vond, maar nu wil lachen.
Lien en Nick vertrouwen hun eigen ogen in het warenhuisdepot, en Rob vertrouwt bij Tais Teng zijn buurvrouw niet. Korter en lichter dan Blauwe snoepjes, maar met hetzelfde plezier in kinderen die gelijk krijgen.
Wie bij Blauwe snoepjes vooral de spanning van ontsnappen en zoeken goed vond, vindt die bij Maren Stoffels in een reusachtig doolhof. Morris en zijn vrienden moeten samen een uitweg vinden, in korte, snelle hoofdstukken.
Het opslagdepot in Blauwe snoepjes verbergt meer dan kerstspullen, en bij Hans Kuyper verbergt een gang onder de stad een heel geheim. Spannend voor dezelfde leeftijd, met meer avontuur en minder echte boeven.
Lien en Nick worden zonder het te willen helden in de grote stad, en Matt Haig zegt meteen dat Sam Blink de held van zijn verhaal is. Sprookjesachtiger dan De Bel, maar net zo spannend voor wie van redden en zoeken houdt.
Marc de Bel en Do van Ranst zijn allebei Vlaams en houden allebei van een kinderverhaal met een rilling. Waar Blauwe snoepjes een echte ontvoering heeft, kiest Van Ranst voor sagenfiguren en een nachtelijke tocht; luchtiger, maar zeker niet tam.