Alex en Hypnose openen allebei met een gruwelijk misdrijf en laten je daarna nauwelijks op adem komen. Joona Linna is rustiger dan Verhoeven, maar Lars Kepler deelt Lemaitres voorliefde voor een onderzoek dat steeds een andere kant op schiet.
Na Alex zoek je iets wat net zo benauwend is, en dat levert Mo Hayder in Wolf: een inspecteur die een noodkreet op een hondenhalsband volgt en een gezin dat in gevaar is. Engels platteland in plaats van Parijs, en minstens zo duister.
Jack Caffery is net zo getekend als Camille Verhoeven, en in Huid twijfelt hij aan een zelfmoord die te netjes lijkt. Wie in Alex genoot van een zaak die anders blijkt dan de eerste indruk, vindt bij Hayder hetzelfde wantrouwen.
Vind haar draait, net als Alex, om een vrouw die in gevangenschap zat en niet alleen slachtoffer wil zijn. Lisa Gardner wisselt het perspectief van Flora Dane af met dat van rechercheur D.D. Warren, zodat je beide kanten van het onderzoek ziet.
Lemaitre laat in Alex de klok genadeloos doortikken, en Billingham doet dat in een kleiner decor: één winkel, een paar mensen, uren vol zenuwen. Tom Thorne heeft dezelfde koppigheid als Verhoeven, met minder gruwel en meer gesprek.
Nog een Lemaitre met een vrouw in het middelpunt die steeds anders blijkt dan je dacht. Waar Alex een politieroman is, kruipt Vals leven helemaal in het hoofd van Sophie, die niet meer weet wat echt is en wat ze zich inbeeldt.
Vergelding is de motor onder Alex, en ook Stigma draait om een man die het recht in eigen hand nam en daar nu de prijs voor betaalt. Het Noorse schrijversduo werkt soberder dan Lemaitre, maar het morele schuren is vergelijkbaar.
Harry Hole en Camille Verhoeven zijn allebei rechercheurs die meer verloren hebben dan goed voor ze is. In Politie trekt Jo Nesbø dat breed, met een zwaargewonde getuige onder bewaking en een onderzoek dat het hele korps raakt; dikker en complexer dan Alex.
Vortex mist de witte bestelbus, maar deelt met Alex een onderzoek waarin het verleden ineens dreigend dichtbij komt. Yrsa Sigurðardóttir begint met brieven uit een tijdcapsule in Reykjavik, een stuk ijziger van sfeer dan het Parijs van Lemaitre.
In Alex en De chirurg zijn de slachtoffers vrouwen en heeft de politie in het begin bijna niets in handen. Gerritsen kijkt met de blik van een arts naar het misdrijf, wat een klinische, harde laag toevoegt aan de jacht die je bij Lemaitre al kende.
Paul Vegter staat dichter bij Camille Verhoeven dan je denkt: een eigenzinnige rechercheur die zijn eigen verdriet meesleept. Koude lente begint met een dood meisje in een park en is ingetogener dan Alex, maar psychologisch net zo scherp.
Gedeeld: duister, politieonderzoek en psychologisch
Na de eenzame jacht van Verhoeven in Alex biedt Arne Dahl het tegenovergestelde: een heel team dat op meerdere plekken tegelijk zoekt. De haast en de angst om te laat te komen zijn hetzelfde, het verhaal is breder en minder benauwend.