Waar in Al wat overblijft jonge stellen verdwijnen en pas veel later worden gevonden, graaft een tuinman in Amsterdam-Noord een schedel op. Isa Maron laat het team daarna steeds meer resten van vrouwen vinden. Een Nederlandse variant op hetzelfde trage, beklemmende zoekwerk.
Al wat overblijft gaat over lichamen waar bijna niets meer van over is, en dat is precies het vak van Temperance Brennan. In dit tiende deel wordt de zaak voor haar persoonlijk, omdat ze terug moet naar haar eigen jeugd. Kathy Reichs schrijft uit ervaring als antropoloog.
Gedeeld: politieonderzoek, spanning en verdwijning
Wie in Al wat overblijft gegrepen werd door slachtoffers die pas na lange tijd gevonden worden, moet het negende Taunus-boek lezen. Pia Kirchhoff en Oliver von Bodenstein reconstrueren vermissingen van jaren terug, met een rustiger, Duits tempo.
Als de vijftienjarige Ellen verdwijnt, vermoedt Sam Berger dat er een seriemoordenaar actief is, en niemand gelooft hem. Arne Dahl schrijft met dezelfde wanhoop over een vermissing als Cornwell in Al wat overblijft, waar ook de druk alleen maar toeneemt.
Gedeeld: politieonderzoek, spanning en verdwijning
Charlotte Link laat Kate Linville het lichaam vinden van de veertienjarige Saskia, die een jaar eerder in de Noord-Engelse hooglanden verdween. Wie in Al wat overblijft het lange wachten op een lichaam beklemmend vond, krijgt hier eenzelfde verhaal, psychologischer verteld.
Gedeeld: politieonderzoek, spanning en verdwijning
Stuart MacBride deelt met Al wat overblijft de grimmige vondsten, maar zijn Schotse rechercheur Logan McRae overleeft ze met galgenhumor. In dit vierde deel duikt een oude dader weer op, en de regen van Aberdeen maakt het nog somberder.
In Bad Soden verdwijnt een vrouw en vindt de politie alleen haar verwarde vader en bloedsporen. Net als in Al wat overblijft begint de zaak met een vermissing zonder lichaam, en Nele Neuhaus laat het onderzoek langzaam uitwaaieren.
Gedeeld: politieonderzoek, toegankelijk en verdwijning
De verdwenen stellen uit Al wat overblijft blijven lang namen zonder lichaam. Dat gat tussen vermiste en gevonden mensen is het hart van dit achttiende Brennan-boek, waarin Kathy Reichs haar antropoloog laat samenwerken met een eigenwijze amateur.
Gedeeld: politieonderzoek, spanning en verdwijning
Met de schaarse sporen uit Al wat overblijft in je achterhoofd ga je bij het achtste Tom Thorne-boek vanzelf mee puzzelen. Billingham laat zijn Londense rechercheur een dader volgen die met opzet sporen achterlaat, en geeft hem een privéleven dat steeds meer meetelt.
Kay staat in Al wat overblijft onder zware druk van buitenaf; ook Kim Stone moet in dit elfde deel presteren terwijl de zaak zich opstapelt. Angela Marsons schrijft vlot, met korte hoofdstukken en een team dat je na een paar delen echt kent.
Waar in Al wat overblijft een senator meekijkt, zit Harry Bosch in een rechtszaal waar zijn eigen werk ter discussie staat. Michael Connelly wisselt pleidooien af met politiewerk, en dat maakt dit derde Bosch-boek anders dan een gewone jacht op een dader.
Kim Stone wordt geroepen bij iemand die met één precieze steek in het hart is gedood, een overval die verkeerd lijkt te zijn afgelopen. Zoals Kay in Al wat overblijft bijna geen sporen heeft, moet Kim hier alles halen uit de precisie van de dader.