Pruisisch blauw springt heen en weer tussen 1939 en 1956, en De roodborst doet hetzelfde tussen de Tweede Wereldoorlog en het heden. Jo Nesbø bouwt net als Kerr twee verhaallijnen die elkaar langzaam naderen, met een rechercheur die eigenwijs genoeg is om tegen iedereen in te blijven graven.
Twee tijden, één zaak: in Pruisisch blauw staan 1939 en 1956 naast elkaar, in Hartzeer de late jaren zestig en het heden. Peter Robinson schrijft rustiger en Engelser dan Kerr, maar de manier waarop het verleden het heden openbreekt is verwant.
Gedeeld: meerdere tijdlijnen, politieonderzoek en wie-heeft-het-gedaan
Ook Camilla Grebe laat een oude zaak uit de jaren veertig doorwerken in een latere tijd, met een van de eerste vrouwen bij de Stockholmse politie. Na Pruisisch blauw is dit een Zweedse, psychologische variant met dezelfde wisseling tussen tijdlagen.
Gedeeld: historische setting, meerdere tijdlijnen en spanning
Kerr laat in Pruisisch blauw twee jaartallen om de beurt aan het woord. Läckberg gebruikt dat trucje ook: hoofdstukken uit de jaren veertig wisselen af met het speurwerk van Erica Falck en Patrik Hedström aan de Zweedse westkust. Veel huiselijker dan Bernie, maar het mechaniek werkt even goed.
Gedeeld: meerdere tijdlijnen, politieonderzoek en historische setting
Pruisisch blauw is een thriller over een man die niet aan zijn verleden kan ontsnappen, en dat geldt ook voor Aaron Falk in De droogte. Jane Harper speelt in een verschroeid Australisch dorp en wisselt net als Kerr tussen een oude gebeurtenis en het onderzoek nu, met een even benauwende sfeer.
Bernie Gunther kijkt in Pruisisch blauw terug op wat hij in 1939 op de Berghof meemaakte, en in Wil vertelt een oude Antwerpenaar eindelijk over zijn bezettingsjaren. Olyslaegers schrijft een literaire biecht in plaats van een thriller, maar met dezelfde vragen over medeplichtigheid.
Gedeeld: historische setting, meerdere tijdlijnen en moreel grijze hoofdpersoon
Pruisisch blauw laat Bernie dicht bij Hitler en zijn entourage komen, en in Hitlers vrede schreef Kerr al eerder over die kring, zonder Bernie. Een losstaande spionagethriller over 1943, met dezelfde gedurfde mengeling van historische kopstukken en fictie.
Gedeeld: historische setting, moreel grijze hoofdpersoon en spanning
In Pruisisch blauw moet Bernie een moord oplossen waar de hoogste nazi's belang bij hebben, en voor Gordianus geldt in Rome hetzelfde met de grote politici van zijn tijd. Saylor schrijft rustiger en warmer dan Kerr, maar zet zijn speurder net zo gevaarlijk dicht bij de macht.
Gedeeld: historische setting, wie-heeft-het-gedaan en spanning
Bernie werkt in Pruisisch blauw letterlijk in de schaduw van de hoogste macht, en rechter Tie moet in Het wilgenpatroon speuren tussen de aanzienlijke families van de hoofdstad. Van Gulik schrijft klassieke Chinese puzzels, zonder Kerrs cynisme maar met evenveel intriges aan de top.
Eekhaut stuurt zijn pauselijke speurder naar Brussel, Kerr stuurt Bernie in Pruisisch blauw naar de Obersalzberg: allebei detectives die in dienst van een machtige opdrachtgever een gevoelige zaak moeten oplossen. Eekhaut speelt rond 1899 en is minder hardgekookt.
Het buitenverblijf van Hitler in Pruisisch blauw is een plek met eigen regels waar niemand vrijuit praat, net als de abdij in De naam van de roos. Eco laat een slimme franciscaan speuren tussen monniken die elk iets verbergen. Veel trager en geleerder dan Kerr, maar een even sterke whodunit.
Gedeeld: historische setting en wie-heeft-het-gedaan
Wie bij Kerr vooral de spionage rond een groot conflict het mooiste vindt, kan terecht bij Anne Perry. Twee broers ontdekken in de zomer van 1914 dat hun vader iets op het spoor was. Rustiger verteld, maar met diezelfde onderstroom van verraad.