Een kinderloze vrouw die opeens een Nigeriaanse moeder en haar dochtertje onderdak geeft: in Naar Lillehammer schuurt goede wil met angst. Durlacher onderzoekt die botsing in een Amsterdams gezin, met muziek als onverwachte brug.
Gladys wil weg bij haar pooier; Floortje Bloem raakt als tiener aan de pillen, de mannen en de heroïne. Keuls schreef een rauwe, schokkende klassieker over een jonge vrouw die niet loskomt van de verkeerde wereld.
Gedeeld: emotioneel, psychologisch en toegankelijk
In Naar Lillehammer krijgt een kinderloze vrouw ineens een kind van drie in haar armen. Van der Meer schreef eerder over Julia en Max, die naar Peru reizen voor een baby, een ander verhaal over kinderwens en over wat je ervoor overhebt.
Cécile ziet via Gladys een kant van Nederland die ze liever niet had gekend. Bij Hanna Bervoets overkomt een jonge vrouw hetzelfde achter een scherm, in een korte, beklemmende roman over wat kijken met je doet.
Het vakantiehuis bij Lunteren is voor Cécile een schuilplaats die niet werkt. Mensje van Keulen laat een negentienjarige zonder dak achter na een sterfgeval, en toont net zo nuchter hoe weinig houvast sommige vrouwen hebben.
Bij de speeltuin komt de moeder niet terug, en Naar Lillehammer begint daarmee als een raadsel. Tessa de Loo opent ook met een vrouw die er ineens niet meer is, alleen dan een beroemde actrice in Frankrijk.
De vakantiewoning bij Lunteren biedt Gladys geen veiligheid; ook in het rivierdorp van De Loo blijkt de rust bedrieglijk. Een roman over geweld dat een gewone Nederlandse omgeving binnendringt.
Cécile ontdekt dat een bos bij Lunteren niet ver genoeg weg is van de pooier van Gladys. Thomése speelt in een omheind villadorp met hetzelfde idee: muren en hekken houden de dreiging niet buiten.
Het dochtertje van Gladys is drie en snapt niets van wat er om haar heen gebeurt. Bernlef kijkt door de ogen van een ouder meisje in een dorp naar een thuis dat niet veilig voelt, stil en met veel gevoel.
Cécile ontfermt zich over een meisje van drie; Van Keulen volgt Maria Talberg en haar zusje terwijl ze opgroeien in de jaren zestig. Een roman over zussen en kwetsbaarheid, net als Naar Lillehammer helder en zonder omwegen geschreven.
Een moeder die niet terugkomt bij de speeltuin, een vrouw die de ochtend na de bruiloft weg is: Gerritsen en Van der Meer openen allebei met iemand die verdwijnt. Gerritsen gaat de vreemdere, filosofische kant op.
Gideon maakt huizen schoon na een brand of overstroming, en ziet zo wat anderen achterlaten. Lanoye schrijft donkerder en scherper dan Van der Meer, maar ook hij zet een teruggetrokken buitenstaander centraal die in andermans puinhoop terechtkomt.