Ook van Otten: een jonge vrouw in de jaren zeventig die haar band met twee jongens opnieuw moet bepalen. Net als Judith in Lente van glas zoekt ze uit wat een man in haar leven eigenlijk betekent.
De achttienjarige Xenia komt na een zwerftocht door Europa aan op Amsterdam Centraal. Haasse zet net als Otten een jonge vrouw in Amsterdam neer die tussen verleden en toekomst zweeft.
Grady McNeil blijft met zeventien alleen achter in het penthouse van haar ouders aan Fifth Avenue. Capote volgt net als Otten een jonge vrouw die in de stad haar eigen liefdesleven probeert te sturen.
Judith zoekt in Amsterdam steeds een gezicht in de menigte. Oek de Jong zet ook een jonge hoofdpersoon in een Amsterdamse buurt die hem verandert, net zo psychologisch en sfeervol als Lente van glas.
Judith Vega leeft in Lente van glas half in haar eigen hoofd, tussen herinnering en verbeelding. Niña Weijers laat een jonge kunstenaar haar eigen bestaan tot materiaal maken, met dezelfde psychologische scherpte.
Saxofonist Abe Kans krijgt slecht nieuws in het ziekenhuis, en Willem Jan Otten verbindt zijn lot met dat van een vreemde. Net als Judith en Tim gaat het om levens die elkaar raken zonder dat ze dat helemaal begrijpen.
Toneelschrijver Rudolf de Wolf raakt juist door erkenning dieper in de put. Van Brederode schrijft net als Otten psychologisch nauwkeurig over iemand die niet loskomt van zijn eigen gedachten.
Zes mensen van verschillende achtergrond raken in Griekenland bij elkaar betrokken. Haasse laat net als Otten zien hoe een korte ontmoeting lang kan doorwerken.
In een derderangs pension in Parijs redden gasten en uitbaters zich met kleine listen. Elsschot schrijft kort en droog over liefde in een stad, wat goed past bij de lichte melancholie van Lente van glas.
Judith blijft de vader van haar kind voor zich zien, ook al is hij er niet. Bij Oscar van den Boogaard keert een jonge man na het verlies van zijn vriend terug naar het hotel van zijn ouders, en ook daar speelt een afwezige een hoofdrol.
Edo Mesch volgen we op acht, zeventien en vierentwintig, zoekend naar wat liefde is. Wie in Lente van glas de onzekerheid van Judith herkende, vindt bij Oek de Jong dezelfde gevoelige blik.
Drie mannen halverwege hun leven die altijd vooral toeschouwer zijn geweest. Van Brederode deelt met Otten de vraag hoe je van toekijken naar echt leven komt.