Een dader die het op tieners gemunt heeft, maar dan bekeken vanaf de kant van de jacht: Cassie Hobbes wordt opgeleid om moordenaars te doorgronden. Jennifer Lynn Barnes is minder slasher en meer misdaadpuzzel, met hetzelfde hoge tempo als De bloedzomer van 1997.
Na de zomer in Westerdam een heel ander decor: Las Vegas, waar in het openbaar doden vallen op steeds vreemdere manieren. Dit vervolg op The naturals leunt net als Bakhuis op een moordenaar met een patroon, met een groep jonge speurders in de hoofdrol.
Wie bij Dirtbag de rillingen kreeg en meer wil, kan door naar de Demonata van Darren Shan: twee delen in een band, bloederiger en bovennatuurlijker dan Bakhuis. Ook hier zijn het jongeren die tegenover iets onmenselijks komen te staan.
Een dorpsgerucht in Westerdam, een rondreizende freakshow bij Darren Shan: in beide boeken begint het griezelen bij iets waar je als tiener beter niet naartoe had kunnen gaan. Shan schrijft net zo vlot, met meer fantasie en minder messen.
Bakhuis zet urban legends in een Nederlands dorp, Anthony Horowitz haalt een eeuwenoude dreiging boven in Peru. Wie van oude verhalen houdt die ineens echt blijken, vindt hier een groter avontuur met dezelfde duistere ondertoon.
Ook bij Horowitz staan jonge hoofdpersonen alleen tegenover een kwaad dat volwassenen niet zien, hier een tweeling die elkaars gedachten leest. Meer fantasy dan de slasher van Bakhuis, maar net zo snel verteld.
Zonder seriemoordenaar, maar met dezelfde schrijver en hetzelfde gevoel dat een zomer in een vaste afloop uitmondt. Jasmijn kiest voor een illegaal spel, en Bakhuis laat je net als in de bloedzomer meeleven met een groepje vriendinnen.
De moordenaar in Westerdam is een dorpslegende, de dreiging in Moordmeiden begint bij een pendel en een stapel tarotkaarten. Mirjam Mous kiest voor een psychologische thriller over vriendinnen in plaats van een slasher, maar de nachtmerrie is even Nederlands.
Een jongen die weet dat hij binnenkort dood moet, een dorp waar iedereen zich afvraagt wie de volgende is: allebei boeken over afwachten tot het kwaad toeslaat. Evert Hartman schreef het jaren eerder, toegankelijk en met een strakke klok.
Een dorp in angst bij Bakhuis, een jongen die nieuw is in Nederland bij Elle van den Bogaart. Prooi is realistischer en zonder slasher-elementen, maar de sfeer wordt net zo duister en het geweld komt net zo dichtbij.
Wie in De bloedzomer van 1997 vooral de angst onder tieners sterk vond, leest in Broers hoe een gewone school ineens het toneel van geweld wordt. Marlies Slegers schrijft rauw en snel, met meer verdriet en minder griezel.
Zeven tieners die niet weten wie de volgende is, een meisje op een schip waar ze niet meer af kan: allebei kort, snel en benauwd. Maren Stoffels laat de horror achterwege, maar de dreiging kruipt net zo onder je kleren.