Weer kunst en Europese musea als inzet: Cotton Malone ziet overal musea in vlammen opgaan, zoals Allon een verdwenen Leonardo achterna gaat. Net zo vlot en spannend, met iets meer geschiedenis en schatzoeken dan spionage.
Een dode directeur van de afdeling zeldzame boeken in de Library of Congress zet dit verhaal in gang, en ook hier draait het om kostbare collecties en wat mensen ervoor overhebben. Baldacci schrijft net zo toegankelijk, met Washington in plaats van Rome.
Cotton Malone heeft maar een paar uur voordat een oud-KGB-agent Washington bereikt, en die tijdsdruk geeft hetzelfde hoge tempo als de jacht op de Leonardo. Meer vuurgevechten en minder kunst, maar even makkelijk weg te lezen.
Crichton springt van Parijs naar Maleisië en Vancouver, zoals Silva zijn verhaal over Venetië en Rome verspreidt. Een internationale samenzwering in heldere taal, met wetenschap als onderwerp in plaats van schilderkunst.
Een legerarts die een dodelijk virus met de codenaam Hades onderzoekt, belandt in een internationale jacht met hoog tempo. Minder Italiaanse sfeer dan De inside job, maar dezelfde mix van speurwerk en spanning die je snel doorleest.
Het Kremlin laat een miljardair een computervirus op Amerika loslaten: grote politiek en geheime diensten, zoals in de Allon-boeken. Clancy schrijft technischer, maar het tempo ligt even hoog.
Wie bij De inside job vooral genoot van het spionagewerk achter de schermen, krijgt dat hier in grotere dosis. Clancy's geheime eenheid schaduwt een Pakistaanse militair en een Kaukasische terrorist, met meer wapens en minder schilderijen dan bij Silva.
Een gewone docent wordt ingezet om een drugsnetwerk in een universiteitsstadje op te rollen. Zoals restaurateur Allon is hij een man met een burgerberoep in een gevaarlijk spel, en Ludlum houdt de spanning even strak.
Forsyth laat een Amerikaanse president de oorlog verklaren aan de cocaïnehandel, uitgewerkt als een groot internationaal plan. Wat rustiger dan De inside job, maar met hetzelfde gevoel dat je achter de schermen van de macht meekijkt.
Waar Silva een kunstroof laat uitgroeien tot wereldpolitiek, doet Lagercrantz dat met een AI-wetenschapper die contact zoekt met Blomkvist. Kouder en Zweedser, maar met dezelfde mix van speurwerk en vaart.
Een lijk in de Venetiaanse lagune opent De inside job; bij Marklund is het een explosie in een Stockholms sportstadion kort voor de feestdagen. Een verslaggeefster doet het speurwerk, wat het boek een journalistieke invalshoek geeft naast vaart en spanning.